Gedichten

GEDICHT VOOR GELUKKIGE MENSEN Van alle mensen die het lachen is vergaan, loopt een op de drie blind over je heen en kijkt dan om. De wereld is juist niet van iedereen, dat slag. De overige twee vallen niet op. Hun armen bungelen halfstok. Onder hun tong zit gram. Ze kennen haast geen zinnen zonder tss. Zo zuinig zijn ze op hun lucht. Je staat erin voor je het weet. Heb ik iets van je aan misschien is uit hun mond geen vraag. Een wenk: kijk naast hun kleren. Wijs naar elkaar, wijs naar het water met de zon erboven. […]

Lees verder

Gedichten

schijndood ze zeiden dat jij het was tussen rekwisieten bloemen en gebogen hoofden we liepen naast onszelf jij ging ons voor omdat wij volgden iemand deed de zon aan want weet je nog het was hartje zomer die dag   leeggebloed we gingen verder stouwden kasten overvol en bij verjaardagen kusten we lucht jij schonk expres de verkeerde wijn zo lang heeft het geduurd voor de dagen dood waren   ingerukt tussen het stof in de ficus nestelt een gedoodverfde vogel hoe ik ook schreeuw, spring en zwaai met mijn armen hij knippert niet eens er waren goede dagen met […]

Lees verder

Gedichten

DE BEZOEKERS Ze porden het hout op en schonken wijn weer waren we vrienden onder elkaar maar voelden ons bekeken, die avond stroomde het licht uit onze ogen kamers in waar deuren kierden die maar niet open gingen, of dichtvielen en wat we elkaar ook zeiden, ergens bleef het hangen, halverwege de avond kouder was het geworden en onze gastheer vergeetachtiger we legden naast hem een blok in het vuur en schonken hem zijn wijn toen keek hij op naar de klok, daar leek hem van alles zoek gebaarde nog wat te blijven is zelf als eerste opgestaan door wie […]

Lees verder