De flits waarmee het filmpje begint

Joris Miedema eindigde bij de laatste twintig dichters van de Turing Nationale Gedichtenwedstrijd, een wedstrijd waaraan ook bekende dichters meededen en die hij achter zich liet. ‘Haal de naam en het oeuvre van een schrijver weg en zijn referentiekader verdwijnt. Wat overblijft is een jury met een persoonlijke smaak. Dan zijn verrassingen altijd mogelijk’, aldus Miedema.

Lees verder

Portretteren, onderzoeken en observeren

Jeanine Hoedemakers: ‘Als twintiger had ik het een poos nodig om dingen van me af te schrijven. Toen al had ik geleerd dat het best over jezelf mag gaan, als het maar origineel verwoord en deelbaar is. Inmiddels ben ik een streng criticus en laat mijn muze niet met zich sollen. Is het te veel ‘gottegot, die Jeanine’, dan schrap ik het hele vers’.

Lees verder

Humor als façade

Daan de Ligt (1953) publiceerde vier dichtbundels en was tot voor kort stadsdichter van AD Haagsche Courant. Zes jaar lang schreef hij wekelijks een gedicht over zijn geboortestad Den Haag. ‘Poëzie is te elitair geworden’, vindt hij. ‘Dat zie je ook terug in de verkoopcijfers van dichtbundels. Ik wil juist een publiek bereiken dat niet al te vaak met gedichten in aanraking komt. Dan is de krant een ideaal podium.’

Lees verder

Meanderen binnen zinnen

‘Nee, het was niet moeilijker dan wanneer er negatief of lauwtjes op mijn debuut was gereageerd’, zegt Thomas Möhlmann over het schrijven van zijn tweede bundel Kranen open. ‘Ik geloof dat het me er juist eerder van overtuigde dat ik blijkbaar toch niet helemaal gek was. Of anders in elk geval niet in mijn eentje.’

Lees verder

Jabik Veenbaas, een ziel met aardse contouren

Nog niet zo lang geleden verscheen bij Uitgeverij De Contrabas De zon, het smalle bed, mijn lichaam, de nieuwste, prachtig vormgegeven bundel van Jabik Veenbaas. Sander de Vaan had een e-mailgesprek met deze opmerkelijke dichter over huismussen, lichtblauwe bikini’s, ecce homo en nog veel meer.

Lees verder