Pieter Boskma – Doodsbloei

Over Doodsbloei van Pieter Boskma is al veel – en lovend! – geschreven. Joop Leibbrand voegt er nog een uitvoerige bespreking aan toe. ‘Wie het eerdere dichtwerk van Boskma overziet, kan niet anders concluderen dan dat al het voorgaande beschouwd kan worden als één grote voorbereiding op deze voorlopige (?) apotheose van zijn dichterschap.’

Lees verder

Luuk Gruwez – Garderobe

Johan Reijmerink las Garderobe, een nieuwe bloemlezing uit de bundels van Luuk Gruwez. Hij schrijft: ‘In al de verkenningen die Gruwez tot nu toe nauwgezet en gevarieerd uitvoerde, voert zijn vergankelijkheidbesef voor mij de boventoon. Een duik in zijn garderobe raad ik een ieder aan, hij is mij […] goed bevallen. Het levert verrassende spiegelbeelden van herkenning op.’

Lees verder

Marnix Speybroeck – Naai mij maar dicht

Drie jaar terug verklaarde Marnix Speybroeck nog dat de publicatie van een bundel voor hem niet langer een must was; een uitgever zou niet zitten te wachten op een ‘wonderkind’ van zestig.’ Nu is er Naai mij maar dicht en die bundel is wat Joop Leibbrand betreft een aangename verrassing.

Lees verder

Bianca Boer – Vliegen en andere vogels

In Bianca Boers Vliegen en andere vogels maakt de poëzie over het geheel genomen een speelse indruk en dat bevalt Ivan Sacharov zeer. Hij leest gedichten die niet alleen een kans geven om het hart te luchten, maar ook het hoofd.

Lees verder

C.O. Jellema – Met het moment in rust

Op de cd Met het moment in rust zingt Jack W. Beneker gedichten van C.O. Jellema. Gerben Wynia, literair erfgenaam van Jellema, liet noteren: ‘Ik ben onder de indruk. Wat jammer dat Jellema dit niet meemaakt: zijn teksten zijn zo toegewijd op muziek gezet.’

Lees verder