Columns
De angst voor natte voeten, oftewel: poëzie die staat als een kluis
Dichter Rogier de Jong houdt niet van raadsels of geheime genootschappen. Dat poëzie geen exclusieve club is met een cijferslot op de deur, hoewel gedichten soms misschien ondoorgrondelijk en moeilijk lijken, licht hij in deze column - met voorbeelden - toe. Terwijl hij zich hardop vragen stelt, mag poëzie alles hebben en alles zijn en moet ze helemaal niets!
Johannes heeft het moeilijk
Hans Puper: 'Een tijdje terug zag ik tot mijn verrassing Johannes staan op een druk perron in Arnhem. Ik had hem al 25 jaar niet gezien. Hij was kaal geworden en had geen snor meer, maar verder was hij weinig veranderd. Hij herkende me niet; ik moest hem vertellen dat we heel goede collega’s zijn geweest. Hij bleek nog dezelfde vriendelijke tobber als toen.'
Een dichter als economische motor
Het uitgeven van gedichten is niet lucratief. Kun je er van leven? Hans Franse gelooft het niet echt. Kan een heilige of een dichter wel de economische motor van de plaatselijke middenstand en het toerisme worden? Ja, dat kan in Italië waar hij al meer dan 30 jaar woont. U leest het in deze column.
Dagboek van een redacteur (3)
Bepaalde gedichten zijn niet meer weg te denken uit de Nederlandse literatuur. Deze aflevering neemt Redacteur Klassiekers Eric van Loo de lezer mee in een gedachte-experiment. Wat als we nog nooit van Hendrik Marsman gehoord zouden hebben? Zou zijn werk in de prijzen vallen? Zou het überhaupt opgemerkt worden?
De jongen in de man
In deze column geeft Jan Loogman zijn mening over de biografie van Elsbeth Etty over Willem Wilmink, ‘In de man zit nog een jongen’. Vage onlustgevoelens over de biografie kristalliseerden zich tijdens het schrijven uit tot een helder standpunt. Hij wil een biograaf die zich kan voorstellen dat succes en gevoel van miskenning samen kunnen gaan, dat onhandig gedrag uitsluiting oproept en die de psychische last ervan tracht te begrijpen of herkent.
Hoe ga ik als recensent om met mijn poëtische voorkeuren?
In zijn vorige column schreef Hans Puper van welke poëzie hij houdt. Wat betekent dat voor zijn recensies? Hij wil zich niet door zijn voorkeuren laten leiden, want dat zou eenzijdige besprekingen opleveren die bundels te weinig recht doen. Maar uitschakelen kun je ze niet. Hoe moet het dan wel?
Een Nederlands dichter/recensent in een ver buitenland
Hoe komt een Nederlands dichter in het verre buitenland en wat doet hij daar? In deze eerste column van recensent Hans Franse maken we dezelfde reis, belanden in een lavendeltuin via historische namen en wegen en luisteren met ogen dicht naar de muziek van de taal.
Dagboek van een redacteur (2)
In de tweede aflevering van 'Dagboek van een redacteur' verdiept Eric van Loo zich in verschillen tussen poëzie op papier en poëzie op het scherm. Zijn witregels belangrijk? En hoe kunnen we gedichten beschermen tegen eigengereide computerprogramma's?
Ik adem niet, ik zing
Columnist Jan Loogman beloofde over het verschil tussen Vlaamse en Nederlandse poëzie te schrijven, niet als literatuurwetenschapper maar als liefhebber van taal. Is er een hoorbaar verschil in sensualiteit? Is het Vlaams muzikaler? Welke taal geeft de meeste beelden? Of zit een verschil alleen in de luisteraar?
