Gedichten
Gedichten
Kira Wuck
Als het regent op zondag
regent het bij ons anders dan bij anderen
de lucht is droger en de kat laat zich niet aaien
Vroeger hadden we een kijkgat in de schutting
daarachter gebeurde het
Vanuit de achtertuin zie je waar de vaat zich opstapelt
wat de afstand is tussen geliefden
als ze elkaar net niet raken
Intimiteit is erachter komen dat je met iemand
naar hetzelfde punt staart
zoals naar mijn ouders
die voor de zoveelste keer de muren witten
Gedichten
Georges van Damme
Willy
Hij schrijft “zandt en cement 9,50 €”
en vervoegt de daguren daaronder
alsof ook zand werkt
of tegenwerkt.
Want vloeken om de onwil
strijkt hij met de regel glad
en legt met haast de klinkers
als het geld voor zaterdagse hoeren.
Ik verzand met boek op dit terras
in stevige verbetenheid
en effen binnenin de dag
die wringt en oprispt
en voel de ergernissen
onder de stenen vloeren.
Gedichten
Lize Spit
vette jaren
Merkel zegt dat het tien jaar duren zal
voor we weer terug zijn bij
hoe goed het vroeger was
zoals we te vroeg aangekomen
altijd nog een blokje rond zullen rijden
wat blijven treuzelen in andermans gang
mijn zusje die al heeft ze een schaar
langzaam
het lint rond haar pakje ontknoopt
het beste aan kaas
blijven de onbelegde
hoekjes brood
Gedichten
Alida Winter
Tegentonen
Draak op je rug doezel je in
een eiland van kruid. Walrussen
doen kunsten met een krukje.
Jij droomt niet op of om.
Je zoemt en ik zit naast je.
Ik lees een boek
over meisje in tableau vivant,
een man met camelia.
Duif komt dichterbij.
Draak knipoogt.
Ik lees. Jij geeuwt.
Straks vertrekt onze trein.
Gedichten
Wilma van de Akker
Ooit
In deze zee van wol
laat ik me leiden
door die kleine kapitein
die keffer die bevelen geeft
braaf golf ik mee van rechts
naar links en terug naar rechts
het lam rukt ongeduldig
aan mijn spenen
Ik, die beter weet
sta niet aan wal
maar midden tussen
slaapwekkend blatende
weigenoten
De draden in mijn brein
breien onzichtbaar
een averechts patroon
Ooit word ik ram
of schaapshond
ik blijf niet meegaan
met de eb en vloed
van scheepswol
Niels Hav - gedichten
Gedichten
Wout Waanders
gelatine
in de schuur op een vlaams strand
smeerde joris gelatine in zijn haar
dan blijft het mooi naar achter staan,
zei hij. ik bond mijn zwembroekveters samen.
het was vroeg, de zee was leeg. wat ziet hij groen,
zei tobias toen hij naar het water wees.
joris deed wat gelatine in zijn haar,
wij renden naar de schuimkoppen toe,
die we wegtrapten. elke kop in de wind
eindigde honderden meters ver.
joris deed wat gelatine in zijn haar,
daarna zijn we gaan zwemmen.
toen we terug kwamen was vrijwel
heel het strand wit. dat verdomde schuim,
mopperde tobias. we zijn een kolonie algen,
zei joris en hij deed wat gelatine in zijn haar.
Gedichten
Gedichten
Jos van Daanen
Vertraging
In een bushokje kun je best
zonder gedachten zijn. Je kunt uitkijken
over het zware water van de vaart
en toezien hoe ijs zich in grote lijnen
naar de oppervlakte schrijft. Je kunt ook
de bus missen.
In dit bushokje kan ik vanaf de wal
lezen wat je zei. Een enkele lange zin
die naar de Noordzee leidt,
maar die voorbij de brug al niet meer
bij me binnendringt. Hoe lang de bus ook
nog niet rijdt.
De andere kant op is
de eeuwigheid, de horizon van niets,
de bus en de bestuurder
die hoofdschuddend
in de richting van het verdwijnpunt glijdt.
