LITERAIR E-MAGAZINE VOOR NEDERLANDSTALIGE POËZIE

Gedichten

Gedichten
Gedichten
Jurjen Keessen THUISKOMST het grijze land van herkomst heeft nooit echt bestaan terugkeer is dus uitgesloten naar het land van water stilte riet waar je ooit vandaan gekomen bent de rivier die doelloos door de vlakte kronkelt brengt je er regelrecht terug sterntjes ganzen ooievaars overdaad van zilverreigers roerdomp bevers en de wind die in het riet ruist maar het grijze land van herkomst heeft nooit echt bestaan manische karekieten norse reigers zijn aangesteld om te waken voor je thuiskomst terugkeer zal niet gaan
Gedichten
Gedichten
Amber-Helena Reisig ik vind mijn moeder in een winkelruit mijn moeder gebruikt haar vaders wandelstok eerder dan dat hij dat deed ik hoor 's nachts haar sloffen op de gang vragen of het toilet nog dichter kan het is de dood die zwijgzaam inhaalt en tussen plassen van licht balanceert zij zaagt aan zijn koord of drukt zich tegen muren we gingen eens naar de zee daar was de morgen koud ik voelde het ruisen in haar botten harder dan in een schelp haar botten zeiden mij als ooit een morgen komt aan zee warmer dan vandaag laat ons dan hier maar gaan ik vind mijn moeder in een boekenkast ze staat op een kaft te lezen ik vind mijn moeder in mijn wieg ze zegt: ‘waar ben je toch gebleven?’
Gedichten
Gedichten
Odette van Kempen Wachtkamer wij- drie musketiers in spe-strijders begeven ons naar een plek waar we zachter dan het zwaard kunnen blijven daar drinken we- overmatig- thee dat zich laat druipen-over rooibos-tongen vanuit een schuurpapieren luchtigheid we kijken hoe de buurman losse kruimels raapt vanonder hordeurwimpers, over tafel schaatst langs lezerijen-en afgekloven nagelbedden -op zoek naar nieuws- en wat onaangedane tijd we zien kauwgum- met de tanden er nog aan dat zich kleeft aan de net gemoduleerde stoelen tussen afgeveegde vingers-en een bosje fronzen vinden we- in handzaam strooibiljet een nummer -dat kan leiden tot ons eigen hulpbeleid we blazen ons gedrieën nog wat op waarbij we grote delen v
Gedichten
Gedichten
Marja van der Veen Santiago Wat ze eigelijk wil nadat ze de zoete kant van de zegel heeft gelikt is nog even hinkelen op de zwartwitte blokvloer van het postkantoor Ze kan natuurlijk ook linea recta naar Santiago met een krekel in een kooitje Spanje is vol van poëten en heiligen Daarbij gelooft ze steevast in terugkomst - maar dan als planeet met zeven manen en een haan voor als het nodig is
Gedichten
Gedichten
Irene Wiersma Huizen met ogen Als huizen geen ogen hebben, waarom die in mijn buurt dan wel? Ramen bekokstoven snode plannen, luisteren af, kijken op van mijn ontbijtkeuze: waarom altijd bruin? Zonnebaden mag ik niet, zo’n wit, groot, bijna bloot vrouwenlichaam daar voelen ze zich toch wat ongemakkelijk bij. Ik ben de kwaadste niet, dus zit ik binnen met de zwarte, zware gordijnen gesloten en de sloten ook voor de zekerheid, want als huizen ogen hebben, waarom dan ook geen voeten? Verder verzamel ik moed en spaar ik vanwege die bekroonde middenweg voor nieuwe namen en luxaflex voor de ramen. Als huizen geen ogen hebben, waarom die in mijn buurt dan wel?
Gedichten
Gedichten
Shujing Zhulian (China, 1981, pseudoniem van Chen Huan) Serveerster A Ik kom met man B dit restaurant binnen serveerster A je staat nog steeds op dezelfde plek je pakt een lepel, pakt die soms ook niet, net als de vorige keer je bekijkt graag de gasten je herinnert je mijn tas herinnert je hoe ik tegenover mensen sta je bent nog jong maar in je gezicht geen enkel blijk van liefde je kijkt naar mijn tas ik kan hem alleen maar voortdurend open doen kan je misschien alleen maar dat onthouden – hoe hij zonder reden steeds open wordt gedaan? Vertaling: Annelous Stiggelbout
Gedichten
Gedichten
Vincent van Meenen Moeder Vader 1 in welk huis zal ik mijn verdwalen beginnen is hier een dak dat mij kan dienen als de gedraaide driehoek van uw schoot dit huis is stuk en wild door mij alleen bewogen moeder vader dood bent u in mij verweven en ken ik u niet langer in leven bent u een kind dat ik ontmoet en bij de polsen houd om van uw gruwel niet te spreken in dit huis kan ik u zoeken zonder u te zien er hangen spiegels stof spint rond en naar beneden binnen ben ik dag en huis en nacht zie verschrikt door het oog van de wereld uw tamme kleuren blinken in mijn vacht
Gedichten
Gedichten
Sasha Popowycz BIO UNDERGROUND geen gedachte eerder een dans van silhouetten door een andere hand ingeweven in deze stolp opgevraagde geheimen worden uitgestald tekencombinaties die ooit van tel waren gefingeerde namen van gevingerde fantomen wat eikelkapjes uit een doos achter in de lade wellicht verlopen wachtwoorden tot het hart binnenwegen om een ontglippend gewicht wat voor te zijn alle omwegen die langs diepe lussen in de slaper sluipen naar een klok en nog te zwaar om grond te raken
Gedichten
Gedichten
Myrte Leffring Val Een koorddanser was zij, op brede planken, ijzeren stangen de lianen in een oerwoud zonder kerken Avond aan avond zocht zij het gevaar in oversteken zonder kijken droeg zij haar tas soms aan de straatkant aan een schouder keek eens de dood recht in de ogen in de etalage van een grossier in zerken Vaak hoopte zij op groots en anders of anders dood en dat niemand het zou merken