Interviews
Een groot, mensenschuw dichter
De ‘Generatie van ‘'27'’ geniet wereldwijd vooral faam dankzij Federico García Lorca. Andere bekende leden van deze invloedrijke kunstenaarsbeweging waren onder meer Salvador Dalí, Luis Buñuel, Rafael Alberti en de latere Nobelprijswinnaar Vicente Aleixandre.
Een van de minder bekende exponenten van ‘27’ is de dichter Luis Cernuda (Sevilla, 1902 – México City, 1963). Aan de kwaliteit van zijn poëzie lag het niet, maar Cernuda was mensenschuw en moest bij het uitbreken van de Spaanse Burgeroorlog halsoverkop in ballingschap, waardoor hij het directe contact met zijn lezende landgenoten verloor.
Dat Cernuda’s gedichten de tand des tijds echter voorbeeldig hebben doorstaan, bewijst deze aflevering van Wereldpoëzie, die wij
Peuteren aan woordjes
Jurjen Keessen (1949) publiceerde Ballades/Structuren, een dichtbundel met ballades in de stijl van de 15e-eeuwse Franse dichter François Villon met foto’s van Dolf Middelhoff. Van dezelfde dichter en fotograaf verscheen in 2011 de bundel Het Eiland.
Het hoofd te groot, de stad te klein
Amber-Helena Reisig gaat als een speer. De dichteres, te schilderen met grote ogen, rood gestifte lippen en een sigaret in de hand, heeft hier en daar wel iets gemeen met de zingende YouTube-fenomenen van de laatste jaren: jong, bomvol talent en zeer actief in de blogosfeer. Ze werd opgemerkt door andere bloggers en inmiddels ook ver buiten die sfeer. Onlangs nog stond ze als jongste in de categorie 'Creatief' van de Viva 400, een lijst met succesvolle Nederlandse vrouwen. Meander sprak met haar.
Gedichten van Odette van Kempen
Poëzie hoort bij mij zoals handen en voeten' is een uiting van Odette van Kempen (1968), die zich waarmaakt in de lichamelijkheid van haar gedichten. Zij publiceerde in het literaire tijdschrift Lava, in de bundel Het mos tussen de letters (uitgeverij aquaZZ) en de verzamelbundel Nocturne (uitgeverij Vleermuis). Twee van haar gedichten zijn afgelopen jaar geselecteerd voor de elfde Biënnale Hedendaagse kunst in Vlaanderen. Regelmatig valt zij in de prijzen bij Poetry Slams, onder andere in het Laktheater in Leiden.
Medellín: poëzie om te snuiven
Václav Havel bracht mensen samen
Drie gedichten van Marja van der Veen
Marja van der Veen (1945) publiceerde tot nu toe drie dichtbundels in eigen beheer: Buitensporig, Ik wil je lezen en Soms droom ik van Bach. Sinds 2005 is ze lid van de Groningse poëziewerkgroep WP99, een vruchtbare samenwerking met Atze van Wieren en vijf andere dichters, die onder meer de dichtbundel Van liefde en koude min (Monnier, 2009) heeft opgeleverd. Ze leest graag voor uit eigen werk, heeft onder andere opgetreden in het Prinsentheater en werd verkozen tot Dichteres van de maand bij Dichtclub Marleen in Groningen. Samen met kunstenares Bianca van Schaik maakt ze gedichten op kleurrijke posters.
Dezelfde luikjes in je hoofd
Dit jaar verscheen bij uitgeverij Passage in Groningen de signaalrode bundel Wat u? van Irene Wiersma. Het is haar poëziedebuut, waarbij behalve de gedichten ook de illustraties van haar hand zijn. Irene Wiersma (1985), die ook animaties maakt, is als creatief multitalent in het Groningse al langer bekend als singer-songwriter onder de naam Flux.
