Meandermagazine
Poëzie in beweging

Jeroen van Kan - komeet ping pong
De tweede bundel van Jeroen van Kan is getiteld: ‘komeet ping pong’. Deze titel maakte Ellis van Atten nieuwsgierig naar de inhoud. Ze is blij verrast door het taalspel van de dichter, de humor en de lay-out, al wordt de lezer wel aan het werk gezet. Leestekens ontbreken en je moet door de enjambementen heen lezen.
Chaos en vernieuwing
Hoewel Rogier de Jong geen filosoof is, gaat hij in op het begrip dialectiek, dat zegt dat waarheid uit tegenstellingen ontstaat. Dat is een mooie gedachte, die een belofte in zich draagt van verzoening, althans van een nieuw evenwicht, een synthese. Alles in het leven draait om balans. Zodra dat evenwicht verstoord wordt, is er ruimte voor vooruitgang en groei. Ook dichters maken een dergelijke ontwikkeling door.
Jan Clement
Deze dichter kan met weinig woorden een beeld schetsen, een sfeer neerzetten, zijn werk is filmisch en beklijvend. Alle gedichten hebben stilte als thema. Ingehouden en met een aarzeling tussen de woorden, dat is beheersing en zorgvuldigheid. Er hoeft niets meer gezegd, het is voldoende zo. ‘Dromen trekken over ons gezicht.’

Jan M. Meier - Verdraaide Liefde
In de nieuwe bundel ‘Verdraaide Liefde’ van Jan M. Meier wordt opnieuw een symbiose gesuggereerd met het visuele aspect. Francis Cromphout voegt hieraan toe: ‘als wij het over symbiose hebben, geldt dit echter in de eerste plaats voor de relatie van de dichter met zijn levenspartner, psychologe Diane Ruthgeers, aan wie deze bundel een intense en veelvormige liefdesverklaring is.’
Interview Aleid Bos
'Ik droom ervan', zegt Aleid Bos, 'dat zo nu en dan iemand een dichtbundel van mij pakt ter vertroosting en dat dan vindt in een gedicht van mij. Dat mijn poëzie verlichting geeft als iemand zich terneergeslagen voelt.' Ze houdt er niet zo van als een gedicht hoogdravend en ingewikkelder klinkt dan wat er te zeggen valt.

Jacobus Bos - Een omgekeerde wereld
De nieuwste bundel van Jacobus Bos heeft de intrigerende titel: ‘Een omgekeerde wereld’. Paul Roelofsen over de stijl van de dichter: ‘het woordgebruik van Bos is niet bepaald lyrisch en op mooischrijverij valt hij ook niet te betrappen; Bos schrijft glashelder en laat zich niet van de wijs brengen door raadsels, paradoxen en andere stijlfiguren.
