De vrijheid van de losgebroken hond

‘Het schrijven van een artikel is te vergelijken met het timmeren van een hondenhok. Het leuke is: sinds ik rondren in de poëzie, heeft het timmeren van een hondenhok weer aan aantrekkelijkheid gewonnen’, aldus Hans van Willigenburg. Meandermedewerker Maarten Gulden had een interview met deze dichter.

Lees verder

Een titaantje, verstervend achter zijn bureau

Alex Rutten (1988) studeert Nederlands in Nijmegen en naar eigen zeggen verstoort dat zijn carrière als dichter. ‘De studie Nederlands is voor mij een writer’s block’, aldus Rutten. Toch heeft hij enkele wapenfeiten en interessante literaire experimenten op zijn naam staan. Een academisch romanticus aan het woord.

Lees verder

De kunst in alles een aanleiding te zien

‘Het enige doel is heel precies opschrijven van iets wat Kopland ‘de herinnering aan het onbekende’ noemt. Iets dat mij een tijdlang een prettig gevoel geeft, maar dan weer langzaam wegebt en met een nieuw gedicht weer gevoed dient te worden. Je kunt hier in plaats van ‘gedicht’ bijvoorbeeld ook sigaret invullen, op exact dat chemische trukendozenniveau lijkt het voor mij namelijk te werken’, aldus Marco Houtschild.

Lees verder

Gedichten

Marco Houtschild

SADDER BUT WISER

Als jongeling zocht ik naar stenen waarmee ik
mijn weg naar Rome een stap verder kon plaveien.

Kasseien die een pelgrimstocht konden lenigen,
klinkers die de loop van een verhaal konden keren.

Zo ontstond mettertijd mijn stenenverzameling
die net met een doffe bonk door de vloer is gezakt.

Gelukkig stond ik op zolder toen het gebeurde
in de wolken in het dakraam panda’s te herkennen.

Lees verder

Gedichten

Alex Rutten

wij zaten in de kamer, de kamer waarin alles kon
gordijnen dicht, deuren dicht, ergens ver boven
ons een plafond van licht, en daar zaten wij dan
alles kon, maar wij deden niets, wij zaten, wij aten
en aten, wij zaten, wij deden de dichte gordijnen
dicht, wij vervingen het licht als het donker werd
de muren waren gewit, de deuren zaten dicht, wij
zaten in de kamer, de kamer waarin alles begon
de gordijnen zaten open, nu dicht, wij zaten, wij
aten, met de deuren gesloten, ergens ver boven
waar alles kon, alles kon, maar wij aten, wij deden
niets, niets in de kamer, wij zaten, wij deden de
gordijnen dicht, de muren waren wit, altijd licht
wij vervingen het licht als het donker werd, en dan
zaten wij, in de kamer, de kamer waarin alles kon
maar niets gebeurde, onder een plafond van licht

Lees verder