Vrouwkje Tuinman – Wat ik met de sleutel moet

Uit alles blijkt in Vrouwkje Tuinmans Wat ik met de sleutel moet haar oog voor detail, de kleine dingen die er in het leven toe doen. Het is een komen en gaan van mensen en gebeurtenissen.
Tuinman is met haar omzwervingen op locatie voortdurend op zoek naar begrenzingen, omheiningen, inperkingen om maar tot een vaststelling van die andere realiteit te kunnen komen, over het ‘daar’.

Lees verder

Nieuwe bundel 'Brak de Waterdrager' van Lies Van Gasse

Jaren geleden zette dichteres en beeldend kunstenares Lies Van Gasse haar eerste stapjes in de literaire wereld door nu eens een los gedicht, dan weer een los verhaal te publiceren op onder meer Meander. In 2005 was ze één van de tien finalisten in Meanders Jongerenwedstrijd. Nu, nog ‘n vijftal jaren later is ze al aan haar derde boek toe. Brak de Waterdrager is een bundel in drie stromen.

Lees verder

Ono no Komachi (ca. 825-900)

Op verzoek van Meander bezorgt Daan Bronkhorst in deze aflevering van Wereldpoëzie een reeks vertalingen van de Japanse Ono no Komachi (ca. 825-900). Deze hofdame geldt als de bekendste dichteres van haar tijd. Er zijn veel verhalen over haar, maar weinig is met zekerheid bekend. Ze schreef vijfregelige uta, ook wel waka genoemd, de dichtvorm die in Japan het populairst was voordat zeven eeuwen later de drieregelige haiku in de mode kwam. Het overgrote deel van de uta gaat over de liefde. Tevens geeft Bronkhorst ons een inkijkje in de even exotische als aanlokkelijke Japanse vertaalkeuken. Lees smakelijk!

Lees verder

Gedichten

Lies van Gasse

Hier naderde taal. Al wat je werd
was een strijdperk van laten en vragen.
De einder sloop. Ongewapend
ging men ter kanonnade.

Hier ging men schelpen rapen in het slib,
men plooide zich naar putten en holtes.
Ook was men kort, welvarend en ver voorbij de stad.

Hier lag de tijd in een pot met gaten
die men naar beneden droeg.

Een mannenstem klonk schril. Ik hield ervan
wanneer je zweeg.

Lees verder

Gedichten

Peter van Galen

EEN MOOI STUKJE DROMEN

er gaat niets boven dromen
waarin je van planeten glijdt
achtervolgd over hekken klautert
en je moet die vis te pakken krijgen
maar verdomd hij is zo glibberig

dan een climax als een wervelwind
vlak voordat je wakker schrikt

ik ben gek op zulke dromen
daarom heb ik er zoveel

vannacht kon ik weer eens
uit stilstand leviteren
geruisloos gleed ik zonder gene
over alle plekken van mijn jeugd
en ook van jaren later

ergens in een soort kasteel
probeerde ik me vast te grijpen
aan een duizelend plafond

want zoals u wellicht weet
ik sterf van hoogtevrees

Lees verder