Alex van Warmerdam – Ik heb de wereld geschapen

Alex van Warmerdam is schilder, dichter, film- en theatermaker, lees ik op de achterflap van zijn tweede bundel Ik heb de wereld geschapen. De term homo universalis schiet me even te binnen. Wie zoveel tegelijk doet heeft wel erg veel talent. En dan zo’n pretentieuze bundeltitel. Goed, men moet natuurlijk altijd wat vooroordelen overwinnen, maar een beetje argwaan lijkt me bij deze poëzie wel op zijn plaats. Dringt zich bij het lezen van de gedichten een andere mening op?

Lees verder

Gedichten

Ria Zifkamp

Soms, wanneer ik eerder lig
dan jij, leg ik een hand op
borst of dij, hervindt mijn
greep een licht-verwonderd
zoeken langs de lijnen.

Als kind al koesterde ik zo
mijzelf. Verbaasd dat dit – dit
denken en dit bloed – voorgoed
eens zou verdwijnen.

Lees verder

Hans Warren was mijn muze

Ria Zifkamp (1950) legt al jaren het leven vast in beeld en taal en onderhield tien jaar lang een briefwisseling met de dichter Hans Warren(1921-2001). Er verschenen destijds gedichten van haar op Meulenhoffs poëziekalender waarvan Hans Warren de samensteller was. Ze publiceerde de correspondentie met Hans Warren in twee versies: Geloof mij steeds en het beknoptere Van huis tot huis. Van haar verscheen eveneens de dichtbundel Al jarenlang dezelfde man.

Lees verder

Philippe Cailliau – Niets verloren

Een jaar na Het boek nul komt Philippe Cailliau (1954) met Niets verloren, alweer zijn tiende bundel.
Ook de nieuwe bundel bevat weer een aantal verzen waarin de dichter reflecteert op ziekte en zeer, maar bij uitbreiding nu ook op ouderdom en dood. De meeste staan in de derde en laatste afdeling van de bundel, omineus ‘Zes gewatteerde planken’ getiteld.

Lees verder

Freda Kamphuis – Titel

Freda Kamphuis (Titel, GVDKU) is een heldere, onderzoekende geest en een schatgraver in de taal. Zij laat je haar ontdekkingen zien, waarbij zij zelf een stap opzij doet. Zo lijkt het werk op zichzelf te staan, wondertjes die niemand eerder heeft ontdekt. Het is anarchistische poëzie die telkens weer haar eigen regels bepaalt, maar zonder
zich nadrukkelijk af te zetten tegen de bestaande; integendeel: ze speelt ermee.Haar poëzie komt nog het dichtst in de buurt van het oude werk van K.Schippers.

Lees verder