Anton Gerits

Anton Gerits (’s Gravenhage, 1930) debuteerde als dichter in 1957 met de bundel Grondbezit. De onlangs verschenen bundel Verzamelde Gedichten geeft een beeld van zijn ontwikkeling als dichter vanaf zijn 17e tot en met vandaag.

Lees verder

Hannie Rouweler

Hannie Rouweler, 1951, is schilder en dichter. Haar eerste bundel is van 1988, ze maakte er 20 en schreef ook enkele korte verhalen. Haar eigen uitgeverij, Demer, bestaat dit jaar 10 jaar.

Lees verder

Sven de Swerts – Atomenplukker

Maurice Broere over ‘Atomenplukker’ van Sven de Swerts: ‘Verwacht geen mooie, afgeronde verhaaltjes en gedachten van De Swerts. Hij nodigt ons uit zijn poëzie ongepolijst tot ons te nemen in al zijn rauwheid. Volgens eigen zeggen houdt hij niet van mooie praatjes en geeft daarmee de lezer veel, misschien te veel vrijheid. Al met al een uitdagende bundel.’

Lees verder

Peter Swanborn – Het wolkenreparatieatelier

In ‘Het wolkenreparatieatelier’ bezingt Peter Swanborn de vitaliteit van de natuur, in stad en land. Hij onderzoekt een mussenhangplek, verplaatst zich in de neteldrift van een dagpauwoog en staat stil bij onkruid dat hoog tegen een gevel tot bloei komt. Recensent Eric van Loo is ambivalent: ‘de dichter [geeft] woorden aan opvallende observaties en inzichten, maar vaak komt een en ander als mooischrijverij, of soms nogal uitleggerig over.’

Lees verder

Jacob Groot – Verlies me niet

Paul Roelofsen over ‘Verlies me niet’ van Jacob Groot: ‘[Al] na de eerste vluchtige doorloop van deze bundel werd ik getroffen door de uitzonderlijke schoonheid ervan. (…) [Groot] speelt met de grammatica op een doodernstige manier en dwingt de lezer hiermee tot aandachtig lezen om de diepgang van zijn poëzie te ondergaan. Je zou denken dat deze ingewikkelde manier van formuleren onaangenaam vermoeiend is maar op enkele uitzonderingen na is het tegendeel waar, ze prikkelt en daagt uit.

Lees verder