Gedichten Els Moors

een twee drie vier vijf stoelen in een kamer ‘s ochtends een vrouw die door de wereld schrijdt de verweesden die in de metro van de trappen glijden omhoog wellende trappen als zoemende golven kauwgum kleeft tussen de stoffige lijnen in het zwarte metaal ach de eenzamen ach de doorkijkposten verslaafd aan het in plastic gebottelde water de knorrende televisie-einde’s op de bank de stalen punten en het gebrek aan bewegingsvrijheid wij zoeken haar schoot met devote ogen de brocante zal worden afgesloten met een barbecue het vlees verschroeid elke man getemd aan de hand van een slinkse pirouette   […]

Lees verder

Het is een visionair project

Els Moors is geboren in Poperinge, 1976. Ze debuteerde in 2006 met de poëziebundel ‘Er hangt een hoge lucht boven ons’, bekroond met de Herman de Coninckprijs. Ze ontving de J.C. Bloemprijs voor ‘Liederen van een kapseizend paard’ (het balanseer/Nieuw Amsterdam, 2013). Naast docent creatief schrijven is ze ook redacteur van het literaire tijdschrift nY.

Lees verder

Jeanet van Omme – Ik en het gedicht

Hoe begin je een gedicht? Herschrijven, hoe werkt dat? Wanneer besluit je dat een gedicht af is? Interessante vragen over het schrijven van poëzie die schrijfdocent Jeanet van Omme aan drie bij haar Schrijfatelier betrokken auteurs (Sasja Janssen, Floor Buschenhenke en Anne van Amstel) voorlegt. Recensent Eric van Loo heeft het met plezier gelezen, maar signaleert in de gesprekken ook een weinig kritische benadering.

Lees verder

Annemie Deckmyn – Alles gebeurt onderweg

Romain John van de Maele over het debuut ‘Alles gebeurt onderweg’ van Annemie Deckmyn: ‘De bundel is beslist een aanwinst, nu de podiumpoëzie hoge toppen scheert. Niet het effect van de woorden, maar de verborgen laag van de zegging staat voorop in het werk van Annemie Deckmyn, en dat is een kwaliteit die ik ten zeerste waardeer.’

Lees verder

Ingrid Jonker – Ik herhaal je

Het is niet gebruikelijk om herdrukken te recenseren, maar voor ‘Ik herhaal je’ van Ingrid Jonker maakte Hans Puper een uitzondering. De aandacht gaat vooral naar het autobiografische karakter van haar gedichten en minder naar de vorm, waarin ze een meester was. ‘Dat beleef je pas echt als je de gedichten in het Afrikaans leest (de bundel is gelukkig tweetalig), want, met alle respect, in de vertaling van Komrij gaat veel verloren.’

Lees verder