Gedichten

Arrival 1946 The boat docked in at Liverpool. From the train Tariq stared at an unbroken line of washing from the North West to Euston. These are strange people, he thought – an Empire, and all this washing, the underwear, the Englishman’s garden. It was Monday, and very sharp. Aankomst 1946 De boot meerde af in Liverpool. Vanuit de trein staarde Tariq naar een ononderbroken rij wasgoed van het Noord-Weststation tot Euston. Dit zijn rare mensen, dacht hij, een wereldrijk en al die was, het ondergoed, de Engelsman z’n tuin. Het was maandag en erg guur. Uit: The Country at […]

Lees verder

Gedichten

natuurmonumenten Ook in woord gaat hij ons voor, de gids, broze dingen van natuur bij de hand. Wij lopen onder een hemel van gewassen blauw over de dijk in een mens vergeten zomeravond uur. Steeds meer karrevelden en inlagen schuiven aan ons voorbij, kluten en lepelaars herhalen zich, zeekraal, kwelbuizen en oude grondpatronen. Zijn woorden zoeken hun plek in van zilt en woede doortrokken verhalen. In bodemdiepe dorpen keert het tij van elke dag op dode schreden met berichten van de zee. Tot hier het teruggedrongen land, de geschouderde dijk, lui water, dat zich spiegelt aan een nagebleven uur, meeuwen, […]

Lees verder

Gedichten

Nu je reeds gemerkt hebt dat ten langen leste deze oude wereld tot je spreekt met ‘u’. Waarom drink je dan nog altijd triosième cru? Waarom spreek je dan nog altijd in rekesten? Toon mij toch de vogels en hun nieuwe nesten. Stel mij vragen als: Wat unbidan we nu? Toon mij dan de boskat in voorjaarstenue. Zeg mij dat ook ons nog zeven levens resten. Laten wij vandaag beginnen aan het tweede. Eens gestorven zijn we immers allebei. Staak bij deze dus je jammerlijke bede. Vind vandaag in ‘t veld het eerste kievitsei. Deel mijn hand en deel mijn […]

Lees verder

Gedichten

Doorgaande trein Reizen zit ons in het bloed, we zijn al weg en we twijnen ritmisch een ragfijne rode draad. Het is al laat, een oranje avondzon huppelt losjes over de einder.Wat een schijnvertoning toch. Het begon zo goed, het vertrek, het begon heel vroeg (dat klinkt als de verleden tijd van vragen), alles was nog grijs en koortsachtig roze en boterkoek en ei en de reis kon volgens ons nog alle kanten op en de koffers waren vol en zwaar van de moeilijke schoenen en de onverteerbare heilige boeken en allerlei zanderig etenswaar. Hebben we alles? We hebben alles.Van […]

Lees verder

Gedichten

Autobaan Duizenden kropen er laag bij de grond over loeiheet water; het droop van zelfbesef in die kleine binnenruimte. Daar, in die schelpkleurige wagen gestoffeerd met onze nauw gedreven lijven was het dat je zout van mijn bedolven jukbeen zoende -we reden door zeer fijn, droog zand- en al beten wij er niet in: Alles leek even van zacht goud te zijn dat op een rug van lucht naar links en rechts tussen onze tintelende vingers schilferde.   Neerleggen ‘Oh’, zei ze en ze wilde dat ze de uithaal van dat woord had kunnen afknippen om er een strakke, blanke […]

Lees verder