Gedichten

Willemien Mensinga

Buitenstebinnen

de zon stak
verdoofde mijn lichaam draaide zijn as
benen en armen zakten op het gras

ik zag dat het licht veranderd was
de omgeving krulde vreemd op
als een oude foto

langs een vaart trok een man aan touwen
een sjofele schuit kromde zijn lijf
een opstapplaats dacht ik later

en ik werd zijn enige passagier
schreef brieven die bewogen
een reisverhaal op schaal

het water rook, verbrande turf
jeneverflessen en dronkenmanliederen
handen zochten er het harde brood

ik sloot de ogen, voelde de zon om het veen
verlangen schuilde

Lees verder

Gedichten

Marc Tritsmans

Kakofonie

Leg toch even, als je durft, je oor te luisteren
bij deze kakofonie van miljoenen door elkaar
heenschreeuwende moleculen, overal en uit
alle tijden lukraak vandaan gegeten, gedronken,

geademd. En ondertussen alweer bezig met
afscheid te nemen op weg naar een ander
lichaam, een riool, een boomblad, een rivier.
Vertel mij hoe het kan dat zich in deze chaos

een kern, een zwaartepunt bevindt waarrond
alles wentelt, wemelt als een sterrenstelsel.
Dat door anderen wordt herkend. En hoe elk
van ons dit zootje ongeregeld hardnekkig en

met bedrieglijke kalmte bij elkander houdt.

Lees verder

Gedichten

Ellen Deckwitz

De grootvader die ik niet had

Mijn grootvader leidt me rond
in zijn urn, hangt de jas op
bij het familieportret en zijn geweer
terwijl ik schrijf:

dat zijn rug zich recht,
de levervlekken lopen leeg.

Ik maak de tijd
een platgeslagen vlieg
op het pasgewassen raam.

Hij neemt me op schoot, vertelt
over onze soort, de Hades in de aderen
die alles schoonwoedt. Het gat tussen
zijn ogen dat zich vol met inkt zuigt
dat zich sluit. Ik kruip tegen hem aan,
hij gelooft niet dat er in een ballpointpunt
ook een kogel zit.

Lees verder

Gedichten

Hedwig Selles

Ik was verdwaald,
op weg naar de man van het
maatwerk, die mij verzekerde, dat er ergens nog iets te vinden zou zijn

‘ziet, ik maak alle dingen nieuw’

mijn gedachten vielen elkaar in de rede,
kwaakten aanwijzingen
in navolging van de ratel in mijn kop
‘alle dingen nieuw’

-zijn handen lazen bevend van papier-
de eeuwig hulpeloze had hulp nodig

en ik geloofde in hem zoals ik in mijn moeder geloofde

Lees verder

Gedichten

Du Fu

Maannacht

Ver in dat godverlaten oord ziet zij
vannacht dezelfde maan; maar zonder mij.
Ik denk hier aan haar, en aan de kinderen,
weten zij nog wel iets van de hoofdstad?
De mist leent geur van haar natte haar,
de maan glans van haar blanke armen.
Wanneer staan we weer samen bij het raam
en laten die maan dezelfde tranen drogen?

Vertaling: Daan Bronkhorst

Lees verder