Gedichten

Doorgaande trein Reizen zit ons in het bloed, we zijn al weg en we twijnen ritmisch een ragfijne rode draad. Het is al laat, een oranje avondzon huppelt losjes over de einder.Wat een schijnvertoning toch. Het begon zo goed, het vertrek, het begon heel vroeg (dat klinkt als de verleden tijd van vragen), alles was nog grijs en koortsachtig roze en boterkoek en ei en de reis kon volgens ons nog alle kanten op en de koffers waren vol en zwaar van de moeilijke schoenen en de onverteerbare heilige boeken en allerlei zanderig etenswaar. Hebben we alles? We hebben alles.Van […]

Lees verder

Gedichten

Autobaan Duizenden kropen er laag bij de grond over loeiheet water; het droop van zelfbesef in die kleine binnenruimte. Daar, in die schelpkleurige wagen gestoffeerd met onze nauw gedreven lijven was het dat je zout van mijn bedolven jukbeen zoende -we reden door zeer fijn, droog zand- en al beten wij er niet in: Alles leek even van zacht goud te zijn dat op een rug van lucht naar links en rechts tussen onze tintelende vingers schilferde.   Neerleggen ‘Oh’, zei ze en ze wilde dat ze de uithaal van dat woord had kunnen afknippen om er een strakke, blanke […]

Lees verder

Gedichten

Alleen, ging in verwondering een herfstbloem, zat op de tak van een boom zwijgend een bedrupte vogel, een waardige gast, ver uit het Oosten. En ‘s nachts, precies achter mijn raam, gleed een grote eland in slaap, als een groot verdriet, een boodschapper van dat er nu gewoon iets voorbij is, en dat er nu gewoon iets begint.   De sterren lijken weer een huilerige ballade, en iedere avond stemmen de honden hun gebarsten violen. Ik geef het verdriet geen ruimte, laat het niet dichtbij komen. Duizend meter sneeuw op mijn hart. Ik mompel veel in mezelf, op straat zing […]

Lees verder

Gedichten

Stroomlijn Er waadt een vrouw in de rivier, door water waar ze ieder woord verstaan en drinken kan, de taal van uiterwaarden, traag van de oever glijdend, op de smalle handen wegend. Wat te zwaar lijkt, glijdt haar door de vingers. Ze streelt de kleine golfslagen, haar voeten vinden de oeroude beddingen als vroeger, voorvaders in armen en krommingen, een ver familielid met naam noch toenaam in het achterland. Sporen van meer of minder, deel en veelvoud nemen op haar tong de vorm van voorgeslacht met nakroost aan: de uitgesproken daden van voltooiing. Oorlogsverklaring, heesheid en twijfel vallen als windhoos […]

Lees verder

Gedichten

perde perde is konings van heuvels en hawer van duine en torings van vuur perde is konings met mantels van blou oker amandel skimmel soos grou swarter as oonde witter as talk maanhaar verstroom in vleie van wind perde is konings met keile en hoewe wat ratel oor berge riviere en rif savannas en kranse en skeure met drif o konings van klip met hoewe in vaandels wat klop ametis ametis hoewe in steensimbaal dolomiet dolomiet robyn is die kykers van perde robyn soos die sterre teen skemer waar die stofwolk draai waar die sand in kringe soos poeier verdwyn […]

Lees verder