Klassieker 116: Ankie Peypers – Een jonger vrouw

Een maand na haar tachtigste verjaardag overleed Johanna Annie Peypers (1928-2008), na een korte ziekte. Ze laat een omvangrijk oeuvre na, niet alleen zo’n twintig bundels met dikwijls geëngageerde, feministisch georiënteerde poëzie maar ook vier romans. Inge Boulonois zoomt in op het autobiografisch geïnspireerd gedicht ‘Een jonger vrouw’.

Lees verder

Klassieker 114: Tonnus Oosterhoff – De moy je m’épouvante

Als in de derde akte van Bizets opera Carmen het boerenmeisje Micaëla in een wilde bergstreek de schuilplaats van de smokkelaars heeft gevonden waar ook Don José verblijft, zingt zij haar mooie aria ‘Je dis que rien ne m’épouvante’.
Gesteld dat Tonnus Oosterhoff een operaliefhebber is, is het een aantrekkelijke gedachte te veronderstellen dat hij tijdens het schrijven aan zijn gedicht ‘De moy je m’épouvante’ luidkeels heeft meegezongen, of tenminste de melodie heeft meegeneuried. Het zal wel niet. In ieder geval schrok Jeroen Dera er niet voor terug van dit gedicht een analyse te schrijven. Een boeiende tekst.

Lees verder

Klassieker 113: Gerrit Achterberg – Code

In deze nieuwe Klassieker buigt Joris Lenstra zich over ‘Code’, een van de bekendste gedichten van Gerrit Achterberg. Het verscheen oorspronkelijk in En Jezus schreef in ‘t zand (Daamen, ‘s-Gravenhage 1947), een bundel die zo populair werd dat er in 1963 al een 7e druk van uitkwam. Het was dan ook de bundel waarvoor Achterberg – als eerste dichter – de Staatsprijs voor Letterkunde, de P.C. Hooftprijs 1949 ontving.

Lees verder