Eric van Loo – De regels van het spel

De debuutbundel ‘De regels van het spel’ van Eric van Loo (1957) is de oogst van tien jaar dichterschap. De gedichten zijn helder, schijnbaar eenvoudig en traditioneel in de goede zin van het woord: Van Loo kent zijn voorgangers, maar blijft onmiskenbaar zichzelf. Bij herlezing blijkt hoezeer hij zich heeft laten leiden door een zoektocht naar de essentie van het dichterschap. Een goede bundel.

Lees verder

Gedichten

De vreemde eend Ik ruik de appels aan draadjes.Er is wiegend blad.Dat is buiten. Het open raam speelt,met zijn scharnieren.De hond onder de tafel zucht. En dat alles merk ik. Het is vroeg.De zon dampt in de mist.In mijn schijnbaar goed leven. Want zegt men;het is lang niet slecht.Maar het is ook niet mooi, zeg ik. Ik ben niet men. Ik ben niet men. Drie conclusies naar aanleiding van het journaal 1 op een steenworp afstand van een steen staat meestal een werper2 het uiterlijk van de steen verraadt niets van de werper zijn emotie3 zijn emotie verplaatst wel de steen in de hem gegeven ruimte […]

Lees verder

‘Het schrijnt zo nu en dan in mijn kop’

Tijs van Bragt (1985) is dichter en woonachtig in Zeeuws-Vlaanderen, waar hij jaarlijks De Avond van de Poëzie organiseert. Eerder verscheen zijn werk in bloemlezingen en in de poëziescheurkalender van Gerrit Komrij. In 2012 verscheen zijn bundel Alles Is In Mij.

Lees verder

Anne van Amstel – Geef me nu ik wil

De bundel ‘Geef me nu ik wil’ van Anne van Amstel leg je niet zomaar terzijde. Met name de eerste afdeling intrigeert, onder andere omdat ieder gedicht begint met een verzoek dat steeds dezelfde strekking heeft: ‘geef me ( … ), want ik wil nu ( … )’. Maar tot wie richt de dichter haar verzoek? Tot god, de inspiratie, haar verbeelding? Het kan alle drie. Ze wil chaos leren scheppen uit orde en de lezer mag met haar mee het doolhof in. Die leeft tenslotte maar eens.

Lees verder