Leen Verheyen

Naast het werken aan een doctoraatsonderzoek over de cognitieve waarde van literaire fictie, voltooide filosofe en schrijfster Leen Verheyen vorig jaar haar eerste boek Wat de lezer leert: filosofen over het nut van literatuur en schreef ze nieuwe gedichten. Gelukkig ook maar ‘want het is daar, dat in blikken gloeiend, die dagen zijn bewaard’.

Lees verder

Maarten van der Graaff – Nederland in stukken

Levity Peters bespreekt ‘Nederland in stukken’ van Maarten van der Graaff: ‘Aan de hand van documenten, flarden van pamfletten, interviews etc. probeert de dichter ons een beeld te geven van wat er in Nederland leeft. De schrijver als episch centrum van een chaotische stortvloed aan informatie. Een land van taal, maar wel van een taal die grotendeels van zijn muzikale, zijn dichterlijke en zijn emotionele aspecten is ontdaan’.

Lees verder

Scott Rollins – Grenstekens

In ‘Grenstekens’ geeft Scott Rollins een verslag van zijn reizen. Niet in feitelijke, maar in poëtische vorm, volgens onze nieuwe recensent Geert Zomer: ‘Hij verlaat tijd, ruimte en logica om zich in de mythe onder te dompelen en zijn innerlijke wereld te vertalen naar poëzie. Poëzie die de lezer meeneemt op deze voortreffelijke reis’.

Lees verder

Rogier de Jong

Dichter Rogier de Jong houdt niet van raadsels en geheime genootschappen, zegt hij in een column die hij eerder voor ons schreef, en dus niet van hermetische poëzie. Dat is te merken aan het eenvoudig en direct taalgebruik in zijn gedichten, dat overigens geen afbreuk doet aan de poëtische kracht. Het is toegankelijk, verrassend en toereikend.

Lees verder