De kunst van het vergeten

Karel Wasch over het boek ‘De onzichtbare jongen’ van J. Bernlef, dat hij herlas. Meesterlijk wordt hierin het dilemma van het ‘niet-kunnen-vergeten’ beschreven. Het geheugen, de identiteit, leven en dood zijn hoofdthema’s in het omvangrijke oeuvre van Bernlef. In 1994 ontving hij de prestigieuze P.C. Hooft prijs. Jaren daarvoor had de gemeente Amsterdam hem verrast met de Poëzie-Prijs voor zijn dichtbundel ‘Morene’ (1962).

Lees verder

Monique Leferink op Reinink

Zinnen als ‘er groeien gaten in de kamer’ en ‘alleen wat scheurt is bang’ geven de kwetsbaarheid en tederheid weer in de poëzie van Monique Leferink op Reinink maar ook de onvermijdelijke vergankelijkheid en het moeten loslaten. Haar woorden geven de ander bestaansrecht en troost en een ‘maan die als een moeder oprijst’.

Lees verder

Nachoem M. Wijnberg – Joodse Gedichten

Martijn Benders las ‘Joodse Gedichten’ van Nachoem M. Wijnberg waardoor de lachmachine in zijn hoofd regelmatig afging: ‘In deze bundel staan veel gedichten die te genieten zijn, want Wijnberg is zoals gezegd een van de meest virtuoze telgen van zijn generatie. Zijn gedichten volgen loepzuiver de wetten van de observational comedy: de spanning schuilt hem erin of de komiek op het podium wel of niet een clou gaat vertellen.’

Lees verder

“Alle dichters, op straat geboren”

Welk gedicht komt het vaakst voor in de openbare ruimte van Nederland en Vlaanderen? Wat blijkt er nog meer uit het onderzoek van Kila van der Starre naar straatpoëzie? Worden de beste dichters op straat geboren? “Poëzie is altijd al multimediaal is geweest en het publiek gebruikt gedichten op uiteenlopende manieren, in verschillende manieren voor verscheidene doelen in het dagelijks leven.”

Lees verder

Esther Jansma – Rennen naar het einde van honger

‘Reizen naar het einde van honger’ van Esther Jansma bevat originele en krachtige poëtische beelden volgens Kamiel Choi: ‘Het is een prachtige en prettig afgewerkte bundel. Jansma is haar onderwerp volledig de baas en heeft een unieke stem. Er staan heel weinig overbodige gedichten in deze bundel, en heel veel schitterende poëzie. Zowel haar wetenschappelijke werk als haar poëzie lijken een verzet tegen de vergetelheid.’

Lees verder