Klassieker 126: Martinus Nijhoff – Verwachtingen en haren eenmaal grijs

Bettine Siertsema bespreekt het sonnet over een trambestuurder, het derde in de reeks van acht sonnetten ‘Voor dag en dauw’ die Martinus Nijhoff in 1936 publiceerde. De tramrit door de nog stille stad doet de bestuurder denken aan de solitaire schaatstochten die hij vroeger maakte. En plots is daar een heel bijzondere, vreemde smeekbede.

Lees verder

Klassieker 125: Geert van Istendael – Spade

‘Spade’ van Geert van Istendael is voor Wilma van den Akker een oergedicht:

“Poëziezomer Watou, september 2002. In een boerenschuur vol hooi staat een spade tegen de muur. Er hangt een gedicht; het klinkt ook uit een speaker. ‘Spade’ van Geert van Istendael komt zo optimaal bij mij binnen. En ik raak het niet meer kwijt.”

Lees verder

Klassieker 124: Michaël Zeeman – Halverwege, de liefde

Op 27 juli van dit jaar overleed op de leeftijd van vijftig jaar journalist, columnist en literair criticus Michaël Zeeman. Hij schreef sinds 1980 in tal van dag- en weekbladen over kunst en literatuur, filosofie en cultuurpolitiek, sinds 1991 voornamelijk voor de Volkskrant. Zijn eigen oeuvre bestaat uit zijn poëziedebuut Beeldenstorm (in 1991 bekroond met de C.Buddingh’-prijs), de verhalenbundel De verduistering, een tweede dichtbundel, God zij met ons (1997), een polemisch essay over de toenemende belangstelling voor het christelijk geloofsmodel, het samen met Bas Heijne en Hafid Bouazza geschreven Dromen van Europa (2004) en Wie kan het paradijs weerstaan: Romeinse brieven (2006), zijn correspondentie met Abdelkader Benali uit de periode 2003-2005. In 2002 ontving hij de Gouden Ganzenveer voor zijn bijdrage aan de Nederlandse, geschreven cultuur. Jarenlang (1996-2002) presenteerde hij bij de VPRO het programma ‘Zeeman met boeken’. Voor dezelfde omroep interviewde hij een groot aantal schrijvers van wereldnaam.
In deze aflevering bespreekt Lambert Wierenga een gedicht van Zeeman dat ongebundeld bleef.

Lees verder

Klassieker 121: Hester Knibbe – Psalm 4631

Op 23 mei 2009 ontving Hester Knibbe de driejaarlijkse A. Roland Holstprijs voor poëzie. De jury prees Knibbe’s werk als poging om in taal vat te krijgen op het grensgebied tussen leven en dood. Dat is zeker ook het geval in het bijzondere gedicht ‘Psalm 4631’. Ine Boulonois bespreekt het met even bijzondere aandacht.

Lees verder

Klassieker 120: Kester Freriks – Sprookje

In dit nummer besteden we aandacht aan een gedicht van een auteur die van 1977 (een vertaling van Büchners dood) tot 2009 (Vogels kijken) ruim dertig publicaties op zijn naam bracht: romans, verhalen, toneelteksten, essays, vertalingen en natuurstudies, maar slechts één dichtbundel, het onopgemerkt gebleven Lippenrood uit 1997. Ivan Sacharov schreef van Kester Freriks’ ‘Sprookje’ een mooie, invoelende bespreking.

Lees verder