Klassieker 22: Anna Blaman – De spin

Anna Blaman ontving in 1957 de P.C. Hooftprijs voor verhalend proza. Haar poëzie werd bij leven slechts verspreid gepubliceerd. Joop Leibbrand geniet van de energieke vitaliteit van ‘De spin’. Hij weerlegt daarbij de constatering dat Anna Blaman ’van de literaire aardbodem verdwenen’ is. Haar tegendraadse werk mocht en mag er zijn.

Lees verder

Klassieker 21: Paul Rodenko – Het beeld

Rutger H. Cornets de Groot reageert op de bespreking van ‘De Ceder’ van Han Hoekstra door Paul Rodenko’s ‘Het beeld’ te presenteren: “Thematisch verwant met ‘De ceder’, maar inhoudelijk veel interessanter, want vervuld van meer realiteitszin.”

Lees verder

Klassieker 20: Han G. Hoekstra – De ceder

Het gedicht ‘De ceder’ van Han G. Hoekstra is –inmiddels ruim 70 jaar na dato– nog altijd bijzonder populair. De lichte toonzetting en de rondeelvorm dragen daar zeker aan bij. Pim Heuvel raakt in zijn bespreking een belangrijk thema: het begrip werkelijkheid in de kunst.

Lees verder

Klassieker 18: W. Elsschot – Bij het doodsbed van een kind

In ‘Bij het doodsbed van een kind’ beschrijft W. Elsschot een indringende gebeurtenis. Volgens Pim Heuvel en Joop Leibbrand toont Elsschot zich in dit gedicht de wegbereider van de moderne spreektaal in de poëzie: “Aan dit gedicht is alle pathetiek vreemd, maar de eenvoudige toon maakt de onmacht en het mededogen van de dichter des te sterker voelbaar.”

Lees verder