Roland van den Bergh – kleine heuvel

Kamiel Choi is niet onder de indruk van ‘kleine heuvel’, de bundel van dichter en uitgever Roland van den Bergh: ‘’Volgens zijn website is hij ‘gewoon iemand die ergens wat zit te dichten’ en gaat het om de ‘talige objecten die we gedichten noemen’ die kunnen aanzetten tot tweespraak met de lezer. Op sommige momenten is me die tweespraak gelukt, namelijk waar de auteur de beelden voor zichzelf laat spreken.’’

Lees verder

Bianca Boer – Vaste grond

In ‘Vaste grond’ van Bianca Boer treffen we gedichten aan die traditioneel van vorm zijn. Herbert Mouwen noemt de inhoud: markant. ‘’De directe beschrijvingen van de waarnemingen transformeren geregeld tot een opvallende metafoor, ook als ze doodgewone, alledaagse zaken behelzen die met eenvoudig woordgebruik gepresenteerd worden. Ook die poëzie bestaat en ‘nog altijd zien andere mensen dat’. ‘’

Lees verder

Emma Crebolder – Uitlichten

Peter Vermaat merkt op dat de gedichten in ‘Uitlichten’ van Emma Crebolder weinig aan de verbeelding overlaten: ‘Mogelijk kan een tachtigjarige de zware hamer van de taal niet meer voortdurend optillen en laten vallen, wellicht weegt een woord al snel teveel om het nog van het blad te kunnen vegen, wie weet zingt een melodie nog in je hoofd waarbij je alle klanken al verloren bent.’

Lees verder

Peter van Lier – Minieme gebaren/Minym ferweech

In de bundel ‘Minieme gebaren/Minym ferweech’ van Peter van Lier zijn de gedichten ook vertaald in het Fries. Maurice Broere buigt zich over de Nederlandstalige gedichten: ‘Peter van Lier laat je kijken naar de natuur en je omgeving. De neerslag van het kijken vind je terug in de gedichten die hij op een eigen manier vormgeeft door woorden een plaats te geven die je als lezer niet verwacht. Die plaatsing is wel functioneel, omdat het spanning geeft in het vers en omdat woorden extra nadruk krijgen.’

Lees verder

Edwin de Groot – Neus tegen het glas

In ‘Neus tegen het glas’ van Edwin de Groot, staat de natuur centraal. Ivan Sacharov merkt dat de dichter een passie heeft voor het gewone. ‘Ik denk – met mijn neus tegen het glas – dat er veel leuks en interessants in deze gedichten te vinden is. Maar vlijmscherp zijn ze niet. Daarvoor schiet de dichter te vaak uit de bocht.’

Lees verder