LITERAIR E-MAGAZINE VOOR NEDERLANDSTALIGE POËZIE

Recensies

H.C. ten Berge - Hier & Ginder
H.C. ten Berge - Hier & Ginder
In de nieuwe bundel ‘Hier & Ginder’ van H.C. ten Berge weegt de dichter, die op leeftijd is, leven en dood tegen elkaar af. Hij doet dit met een gevarieerde inhoud. Hij kijkt terug op zijn leven, err komen oude vrienden en tijdgenoten voorbij, ook ouder werk komen we tegen. Peter Vermaat vindt de vertalingen ‘het meest aansprekende, taalkrachtige deel’ van de bundel.
Robbert-Jan Henkes - Nachttrottoir
Robbert-Jan Henkes - Nachttrottoir
‘Nachttrottoir’ van Robbert-Jan Henkes biedt volgens Anneruth Wibaut ‘virtuoos taalspel, humoristisch en respectvol toegepast. En door alle stijloefeningen is het ook een soort leerboek of naslagwerk voor dichters, je kunt er je kennis over alle poëtische stijlmiddelen, van vormvast en streng metrisch tot heel vrij, mee opfrissen.’ Henkes bewerkte het gedicht ‘Nacht. Trottoir. Drogist. Lantaren’ van Aleksandr Blok op zevenenzeventig verschillende manieren.
Katelijne Brouwer -laat mijn egel met rust
Katelijne Brouwer -laat mijn egel met rust
Taco van Peijpe bespreekt ‘laat mijn egel met rust’ van Katelijne Brouwer: ‘Deze gedichten gaan over dieren, maar tegelijkertijd over menselijke gedragingen en gevoelens, die met milde ironie worden beschreven. De meeste gedichten in deze bundel brengen me in aangename poëtische of contemplatieve stemming, maar er zijn ook een paar bij die daarvoor te anekdotisch zijn en waarin alledaags menselijk handelen en beschouwen overheerst.’
Paul Demets - Moederkoren
Paul Demets - Moederkoren
Johan Reijmerink bespreekt ‘Moederkoren’ van Paul Demets: ‘Door de fascinatie die Demets heeft opgevat voor de films van de Belgische cineaste Chantal Akermans, is de intense zelfvervreemding en verwondering, afkeer en angst voor wie we zijn, zijn poëzie binnengekomen. De dichterlijke beleving van kindertijd tot volwassenheid komen langs, die de trekken van een spiegelpaleis vertoont waarin zich de nodige onvoorstelbare vertekeningen, verschuivingen en gedaantewisselingen aan het ik voltrekken.’
Els Moors - Voer voor struikrovers
Els Moors - Voer voor struikrovers
De bundel 'Voer voor struikrovers' van Els Moors, heeft volgens Francis Cromphout een duidelijk filosofisch karakter. De hoofdthema's zijn de dood (zelfmoord) en de moeizame relatie tussen man en vrouw. Er is het streven naar liefde en zegt Cromphout: 'Als er berusting is in de paradoxale vrijheid waartoe wij gedetermineerd zijn, ziet zij hoe de grens tussen het dierlijke en het menselijke wordt weggegomd'.
Sandrine Verstraete - kamers
Sandrine Verstraete - kamers
Het voorplat van 'kamers', de tweede bundel van Sandrine Verstraete, is opmerkelijk: alleen de titel staat erop. De naam van de dichter staat op de achterkant. Een vondst, want de dichter ervaart een versnippering van haar persoon, ze heeft geen vastomlijnde identiteit, iets wat een naam juist wel suggereert. Een recensie door Hans Puper.
Hanz Mirck - Labberkoeltje
Hanz Mirck - Labberkoeltje
De nieuwe bundel van Hanz Mirck heet ‘Labberkoeltje’. Hettie Marzak noemt het een rijke bundel. Over de inhoud zegt ze: ‘De wind heeft altijd al tot de verbeelding gesproken, kinderliedjes en gezegdes getuigen ervan. In deze prozagedichten, die verdeeld zijn over de vier seizoenen, is de wind een zelfstandig, antropomorf wezen, dat in vele vormen kan voorkomen, zoals bij de seizoenen hoort.’
Willem - De zaak Reinaerd Vos
Willem - De zaak Reinaerd Vos
Harrie Geelen vertaalde ‘De zaak Reinaerd Vos’ van Willem (die Madocke maecte). Hans Franse is onder de indruk: ‘De auteur volgt het gepaarde rijm, zoals in de MNL tekst, maar hij doet het niet krampachtig, het is een natuurlijke vertelstijl, waarbij de enjambementen het ritme van het verhaal versterken, het zijn de pauzes, de klemtonen die een beetje veranderen: het leest heel plezierig.’
Rogier de Jong - De kalenderman
Rogier de Jong - De kalenderman
In de ‘De kalenderman’ van Rogier de Jong staat de tijd centraal. Marc Bruynseraede ziet dat de dichter bij voorkeur in klare taal dicht over iets dat niet triest is, maar rijk aan melancholie en dat hij niet in banaliteiten vervalt. ‘Rogier de Jong lezen, nog vóór de lamp uitgaat, is een vanzelfsprekende beslissing voor de liefhebbers van zachtzinnige, tedere poëzie.’