Taco van Peijpe

Welk een zegen als dichter Taco van Peijpe ons regels geeft als ‘Hoor door de deuren het zachte zingen. Daar is de dag.’ Even daarvoor vraagt hij nog ‘waar te beginnen zonder te weten / hoe te gebeuren’. We zijn onderweg, hij neemt ons bij de hand, zo voelt het. Overgave in de woorden, opgevangen worden als we vallen, die troost.

Lees verder

Marjoleine de Vos – Hoe verschillig

‘Hoe verschillig’ is de vijfde bundel van Marjoleine de Vos, vol met warme en fijnzinnige poëzie in de herkenbare stijl van De Vos. Janine Jongsma: ‘Het lijkt alsof – terwijl ze schrijft – zij een hink-stap-sprong maakt in haar hoofd waardoor haar poëzie wint aan gelaagdheid. Ze hinkt vanuit een gedachte het gedicht binnen, stapt rond in die gedachte en neemt dan een sprong waardoor de lezer in een (verrassende) wending wordt meegenomen.’

Lees verder

Roland Jooris – Vertakkingen

Hoewel Peter Vermaat het vakmanschap van Roland Jooris in de bundel ‘Vertakkingen’ onderkent, mist hij de suggestie waarmee de taal het onzegbare oproept: ‘De poëzie van Jooris is graatmager, gevild en ontvleesd, uiteindelijk uitgebeende schraalte. Ondanks de titel is er geen enkele sprake van vertakkingen, integendeel.’

Lees verder

Paul Bezembinder

In zijn profiel stelt dichter Paul Bezembinder dat hij in zijn werk de balans zoekt tussen serieuze poëzie, pastiche en smartlap, met veelal verwijzingen naar klassieke oudheid en filosofie. Een mooi voorbeeld hiervan is de regel ‘Alsof de wereld door een licht / van achteren beschenen wordt / en jij zozeer wordt bijgelicht dat /denken weer beschouwen wordt’. Heldere taal.

Lees verder