Gezouten pantheïsme en de republiek

In november 2008 verschijnt bij uitgeverij Wilde Aardbeien de bloemlezing Windvlinders. Poëzie van de Faerøer, de eerste Nederlandstalige anthologie op dit gebied. Het boek bevat werk van acht Faerøerse dichters, van wie sommigen nooit eerder vertaald werden. Samensteller Roald van Elswijk had een ‘ongezouten’ mailgesprek met dichter Jóanes Nielsen (*1953) over literatuur, politiek en visgronden.

Lees verder

Gedichten

Arrival 1946 The boat docked in at Liverpool. From the train Tariq stared at an unbroken line of washing from the North West to Euston. These are strange people, he thought – an Empire, and all this washing, the underwear, the Englishman’s garden. It was Monday, and very sharp. Aankomst 1946 De boot meerde af in Liverpool. Vanuit de trein staarde Tariq naar een ononderbroken rij wasgoed van het Noord-Weststation tot Euston. Dit zijn rare mensen, dacht hij, een wereldrijk en al die was, het ondergoed, de Engelsman z’n tuin. Het was maandag en erg guur. Uit: The Country at […]

Lees verder

Poëzie kan mensen verbinden

De Brits-Pakistaanse Moniza Alvi wijdt zich al jaren aan de dichtkunst. Haar gedichten werden onder meer genomineerd voor de T.S. Eliot Prize en in 2003 verzorgde vertaler Kees Klok een fraaie Nederlandse bloemlezing. Sander de Vaan had een mailgesprek met deze boeiende dichteres.

Lees verder

Gedichten

Alleen, ging in verwondering een herfstbloem, zat op de tak van een boom zwijgend een bedrupte vogel, een waardige gast, ver uit het Oosten. En ‘s nachts, precies achter mijn raam, gleed een grote eland in slaap, als een groot verdriet, een boodschapper van dat er nu gewoon iets voorbij is, en dat er nu gewoon iets begint.   De sterren lijken weer een huilerige ballade, en iedere avond stemmen de honden hun gebarsten violen. Ik geef het verdriet geen ruimte, laat het niet dichtbij komen. Duizend meter sneeuw op mijn hart. Ik mompel veel in mezelf, op straat zing […]

Lees verder

Schuilen onder de buik van een paard

Twaalf jaar geleden zorgde de Zweedse Academie voor een aangename verrassing door de Nobelprijs voor Literatuur aan de vrijwel onbekende Poolse Wislawa Szymborska toe te kennen. Als je de gedichten van de Finse Sirkka Turkka (1939) leest, zou je de Nobelmannen en -vrouwen in Stockholm haast eenzelfde wijsheid als in 1996 toewensen.

Lees verder