Geert Buelens – Ofwa

Uit drie gedichten bestaat de bundel ‘Ofwa’ van Geert Buelens. Een bespreking van Herbert Mouwen: ‘De drie gedichten kennen een structuur van korte zinnen, fragmenten van zinnen en soms losse woorden. Inhoudelijk kunnen ze gezien worden als emotionele erupties, als verwijten of noodkreten. Het is bewustwordingspoëzie. Het wit van de bladzijde waarop de teksten zijn afgedrukt, is van betekenis. Niet dat dit wit de teksten isoleert, integendeel, het lijkt alsof de gehele pagina gevuld is met dit soort uitingen.’

Lees verder

Het lied van de schepselen

Hans Franse over Franciscus van Assisi, de heilige muzikale speelman en joculator, de dichter die in de Italiaanse volkstaal van de dertiende eeuw het ‘Cantico delle creature’ schreef, het lied van de schepselen. Bij ons kent men het als ‘Het Zonnelied’. Het lijkt een politiek programma van een linkse, groene partij, met dien verstande dat alles geschreven is om de ‘Allerhoogste’ eer te bewijzen.

Lees verder

Klassieker 247: J. Eijkelboom – Woordjes leren

In al zijn eenvoud is ‘Woordjes leren’ van J. Eijkelboom een subliem gedicht, betoogt Hettie Marzak. Een gedicht waarin iedere lezer de leerkracht herkent die we allemaal ooit hadden en om wie we toen meewarig lachen moesten tot het ons – veel later – daagde dat de man misschien wel gelijk had. Wat zei hij ook al weer over het bezweren van verdriet?

Lees verder

Martijn Benders – Ginneninne

Recensent Geert Zomer: ‘’De blauwe psilocybine-man reist als een tovenaar door een innerlijke landschap, vangt daar denkbeeldige voorstellingen en maakt ze materieel door ze in taalconstructies te ‘bevriezen’ en als inkt aan het papier toe te vertrouwen. Aan de lezer de taak deze constructies te ‘ontdooien’ en zo de gedichten tot leven te brengen. ‘Ginneninne’ van Martijn Benders herbergt vijf sages en een toneelstuk en is doorspekt met (soms zelfgecreëerde) woorden afkomstig vanuit de plaatsen en tijden die genoemd worden.’’

Lees verder