in de potentie van de nagalm

Dean Bowen zonderde zich af op het platteland van Achtmaal in Noord-Brabant (NL) om er de geest van Henriette Roland Holst te betrappen. Na lezing van ‘Ik vond geen spoken in Achtmaal’ kan men denken dat de dichter aan spoken hun kerk heeft willen teruggeven. Maar zocht Dean B. werkelijk naar spoken? Of zocht hij eerder naar zijn naakte geloof? Of naar reden voor zijn eenzaamheid?

Lees verder

Hans Warren – Grafkrans

Hans Warren schreef ‘Grafkrans’, acht sonnetten naar aanleiding van de dood van zijn moeder. Ze werden nooit gepubliceerd, maar wel in Warrens nalatenschap teruggevonden en nu alsnog gepubliceerd. Herbert Mouwen: ‘De gedichten zijn ook voor de tijd waarin ze ontstonden traditioneel van opzet. Zoals bij Hans Warren te verwachten valt, speelt de natuur een centrale rol. De gedichten zijn bevolkt met allerlei soorten vogels en bloemen.’

Lees verder

Wat Maakt Een Gedicht Goed? (1)

Vandaag start een nieuwe serie die wekelijks een antwoord probeert te geven op de vraag Wat Maakt Een Gedicht Goed? Kun je zo’n vraag wel beantwoorden? De medewerkers van Meander zijn achtereenvolgens serieus, speels, poëtisch, humoristisch, streng, onderhoudend, kort, (iets) te lang, verlegen, duidelijk, zeker, geërgerd, motiverend, vluchtig of vragend.
Het eerste antwoord komt van Johan Reijmerink.

Lees verder

Claude van de Berge – Gebed tot de leegte

Johan Reijmerink verdiept zich in ‘Gebed tot de leegte’ van Claude van de Berge: ‘Ik zou Van de Berge op grond van zijn eerdere bundels, maar zeker ook na lezing van deze nieuwe bundel een hogepriester van de seculiere taalmystiek willen noemen. Hij identificeert zich met, wenst op te gaan in leegte en stilte en weet zich omarmd door een oneindige eindigheid. In de poëzie ligt voor hem de sleutel tot het ontsluieren van het geheim dat achter de taal ligt.’

Lees verder