Moya De Feyter – Een heel dun laagje

‘Een heel dun laagje’ van Moya De Feyter is een poëtisch, filosofisch, verhalend en persoonlijk onderzoek naar licht in al zijn vormen, lezen we op het achterplat. Dat poëtische vind je inderdaad hier en daar terug, maar poëzie is het niet: het boek bestaat uit honderden stukjes gevarieerd proza. Dat zegt natuurlijk niets over de kwaliteit, alleen over het genre. Het is boeiend te ontdekken waarom zij dat onderzoek doet en hoe het verloopt. Een recensie van Hans Puper.

Lees verder

“Ontroering is het bindmiddel dat ons als soort met elkaar verbindt.”

Christophe Ywaska ontmoet Ruth Lasters in Antwerpen en spreekt met haar over het waarom van het schrijven, hoe ze werkt, wat er gebeurt. “De voltrokken verbindingen zijn geen vondsten ‘uit het niets’, maar een gevolg van intense concentratiesessies, gedurende een aantal uren per dag.” De rauwe werkelijkheid prikkelt haar; het gros van haar gedichten is troostend van inborst.

Lees verder

Machiel Pomp – Het kind met het badwater

Door velen is er naar uitgekeken. Machiel Pomp’s ‘Het kind met het badwater’ is een imposante bundel van zo’n 120 light verses, de oogst van vijf jaar. Het niveau is zoals je mag verwachten van een dichter die twee maal het Nederlands Kampioenschap Light verse won. Een recensie van Inge Boulonois.

Lees verder

Wat Maakt Een Gedicht Goed? (46)

Een serie die wekelijks een antwoord probeert te geven op de vraag Wat Maakt Een Gedicht Goed? Kun je zo’n vraag wel beantwoorden? En toch gaan we het iedereen vragen. Het zesenveertigste antwoord komt van José Aerts.

Lees verder

Jan-Paul Rosenberg – Laatste foto van de vrede

‘Laatste foto van de vrede’ is het debuut van Jan-Paul Rosenberg. Met het gelijknamige gedicht won hij in 2018 De Gedichtenwedstrijd, destijds nog De Turing geheten. Peter Vermaat is na het lezen van dit debuut overtuigd van het gerijpte talent van deze dichter. De sfeer roept soms zelfs Gerrit Achterberg op. Toch ook een punt van kritiek: ‘Rosenberg laat zich op plekken soms iets teveel dobberen op de golfjes van de huidigheid, met de inmiddels bijna obligate omineuze optredens van beeldschermen, algoritmen en robotisering.’

Lees verder