LITERAIR E-MAGAZINE VOOR NEDERLANDSTALIGE POËZIE

Archief

Nieuwsbrief 47 / 14 december
Nieuwsbrief 47 / 14 december
Door een gat in de heg
Door een gat in de heg
‘Als ik een voetballertje was geweest, had een buurman als Abe Lenstra ongetwijfeld diepe indruk op me gemaakt’, schrijft Rogier de Jong. Maar helaas of niet, hij had meer met woorden. Vasalis, deze imposante, karaktervolle vrouw, wier bundeltjes bij hen in de boekenkast stonden, maakte iets in hem los en door een gat in de ligusterheg kwam zij bij hen buurten.
Interview Francis Cromphout
Interview Francis Cromphout
In de serie ‘gesprekken met Meandermedewerkers’ het zestigste gesprek, met Francis Cromphout. Al sinds zijn jeugd is poëzie voor hem de innerlijke weg geweest die inzicht en gevoel kon samenbrengen. Hij publiceerde gedichten en een novelle in het Spaans en gedichten en een roman in het Frans. Ook is hij musicus-componist en treedt nog altijd op in verschillende groepen als zanger en saxofonist.
Bloemlezing - Er hangt iets van lente in de klas...
Bloemlezing - Er hangt iets van lente in de klas...
Jac Janssen verloor zich compleet in de bloemlezing ‘Er hangt iets van lente in de klas… Nederlandstalige onderwijsgedichten vanaf de dertiende eeuw tot nu’, onder redactie van Theo Magito & Henk Sissing. Janssen merkt op: ‘Buiten het pure genot van het lezen biedt deze enorme verzameling thematisch gekozen verzen ook allerlei praktische mogelijkheden, zoals onderzoeken hoe de dingen zijn veranderd in de loop van de eeuwen.’ Een longread.
Interview Hanna Kirsten
Interview Hanna Kirsten
Zonder schrijven ademt Hanna Kirsten niet. ‘Het betekent de dagelijkse routine doorbreken. De eettafel uitruimen voor een schrijfplek onder het glazen dak. Licht en stilte. Een zee van tijd in de agenda vrijmaken voor lezen, met de pen de lege ruimte van papier vullen, clichés neerkrabbelen en later wegschrappen, hardop lezen en voor de zoveelste keer geconcentreerd woorden proeven, die tegen elkaar afwegen.’
Rodaan Al Galidi - De laatste die ontwaakt
Rodaan Al Galidi - De laatste die ontwaakt
In ‘De laatste die ontwaakt‘ van Rodaan Al Galidi, draait het om iemand die sinds zijn vijftiende begon te slapen en vijfentwintig jaar later wakker wordt en zich realiseert dat hij al die tijd niet geleefd heeft. Francis Cromphout noemt de dichter een meester van het absurde, maar zegt erbij: ‘Nochtans is het Rodaan Al Galidi droeve ernst‘ Het gaat ook over zijn land van herkomst en zijn adoptieland.
De eerste honderd (9)
De eerste honderd (9)
Het is nog maar 1975, dat jaar waarvan Wim van Til wilde dat het veel langer zou duren want hij vond er zoveel moois en bijzonders. Op 24 januari begon het al: acht bundels in de uitverkoop bij boekhandel Bijleveld. Van zijn studiegeld en uitzendwerkopbrengsten kocht hij later nog 65 bundels, wat het totaal op zijn plank bracht op 111. Daar zat die honderdste dus ook tussen ...
Juryrapport Rob de Vos-prijs 2025
Juryrapport Rob de Vos-prijs 2025
In het juryrapport van de Rob de Vos-prijs 2025 blikken de jury en de organisator terug op hun ervaringen met de wedstrijd van het afgelopen jaar. Het rapport laat zien hoe het er achter de schermen aan toegaat, waarom bepaalde gedichten afvielen en waarom andere juist bleven hangen. Daarnaast maken we de top 30 bekend!
Nieuwsbrief 46 / 7 december
Nieuwsbrief 46 / 7 december
Dat ben ik, die jongen
Dat ben ik, die jongen
Een anekdote over de lagere school. Is Jan Loogman de lelijke driftkop of gewoon de jongen die zich vergiste en heeft de meester het verkeerd. Het antwoord op die vraag is dat hij beide jongens is. Hij is dat kind inmiddels niet meer maar hij koestert hem, net als in het gedicht van Toon Tellegen, Dat ben ik, die jongen.
Interview Anneruth Mathilde Wibaut
Interview Anneruth Mathilde Wibaut
In de serie ‘gesprekken met Meandermedewerkers’ het negenenvijftigste gesprek, met Anneruth Mathilde Wibaut. Ze vindt het heerlijk om steeds een maand of langer met een bundel te leven. ‘Ik stel me er een eer in om altijd ook de pareltjes te benoemen, ook als ik de gedichten onder de maat vind of ronduit slecht. Dat is misschien een erfenis uit mijn jaren voor de klas.’
Ray Fuego - Bolo di Entropia
Ray Fuego - Bolo di Entropia
Anneruth Wibaut is fan van de smibologie, de leer van vrije geesten uit de Smib (de Bijlmer). Ze is onder de indruk van ‘Bolo di Entropia’ van Ray Fuego: ‘De lofzangen, fijne waarnemingen, rauwe klachten en ervaringswijsheden verdienen het gelezen en gehoord te worden. Laat ze vooral de glans van de chaos behouden, dat past bij de titel. Ze doen wat poëzie moet doen, ontregelen, tot nadenken stemmen en ontroeren.’
Interview Annemarie Estor
Interview Annemarie Estor
Annemarie Estor probeert altijd te blijven communiceren, om een verhaal voor elk type lezer volgbaar te maken. Daarom gaat ze al schrijvend steeds na of haar teksten op diverse niveaus werken. Een lezing van een geoefende close reader, dat is natuurlijk heerlijk. Eigenlijk hoopt ze dat iedereen zo leest. Zelf heeft ze zo poëzie leren lezen op school, daar komt haar liefde voor het genre ook vandaan.
Theo Monkhorst - Levenslang
Theo Monkhorst - Levenslang
De verzamelbundel van Theo Monkhorst is getiteld ‘Levenslang’. Het bevat een selectie gedichten van 1958 tot heden. Ellis van Atten omschrijft de dichter als zoekende en zegt dat de liefde voor taal en de poëzie er vanaf spat. De uitleg over hoe zijn werk zich ontwikkelde, had achterwege mogen blijven, Van Atten zegt: ‘dat avontuur ga ik bij voorkeur aan vanuit mijn eigen perspectief en in alle vrijheid.’
Interview Taco van Peijpe
Interview Taco van Peijpe
In de serie ‘gesprekken met Meandermedewerkers’ het achtenvijftigste gesprek, met Taco van Peijpe. Hij houdt van analyseren. ‘Als een gedicht mij bevalt of juist niet, probeer ik na te gaan waardoor dat komt. Welke middelen heeft de dichter met succes ingezet om de lezer te raken? Ik tracht me in de dichter te verplaatsen om te achterhalen wat deze heeft willen doen.
H.C. ten Berge - Hier & Ginder
H.C. ten Berge - Hier & Ginder
In de nieuwe bundel ‘Hier & Ginder’ van H.C. ten Berge weegt de dichter, die op leeftijd is, leven en dood tegen elkaar af. Hij doet dit met een gevarieerde inhoud. Hij kijkt terug op zijn leven, err komen oude vrienden en tijdgenoten voorbij, ook ouder werk komen we tegen. Peter Vermaat vindt de vertalingen ‘het meest aansprekende, taalkrachtige deel’ van de bundel.
Nieuwsbrief 45 / 30 november
Nieuwsbrief 45 / 30 november
Aiiii…. Het einde van de ambachtelijke dichter?
Aiiii…. Het einde van de ambachtelijke dichter?
Marianne Hermans over onze nieuwe schrijvende vriend die in allerlei verschijningsvormen opduikt op hippe (tech)festivals en bibliotheekevenementen: de poëziebot. AI inzetten voor het schrijven van poëzie kan op vele manieren. Maar zit de waarde van het hele proces van schrijven niet in het plezier van het vinden van de woorden, het gezwoeg, het kneden van de taal, het gisten en even laten rusten?
Arnout ter Haar
Arnout ter Haar
Herkenbare gedichten over vervreemding en eenzaamheid, gemis aan iemand die er niet meer is. Vreemde kleurloze vissen die zwijgend in zinloze kringen zwemmen, tijd met naald en draad aan elkaar rijgen, ongenood stilte en kou aan tafel krijgen die hem leegvreten, de dichter, ons. Morgenavond komen ze terug, door roeien en ruiten. Iemand nog koffie?
Het commentaar van Hans Franse
Het commentaar van Hans Franse
Onder onze eigen recensenten zitten tevens dichters wier bundel besproken wordt door een collega. Dit stuivertje wisselen is een aparte ervaring. Nu ben jij overgeleverd aan iemand die jouw poëzie onder de loep neemt. Hans Franse geeft commentaar op de recensie van zijn bundel ‘Zelfportret met woord’, geschreven door Maurice Broere.
Interview Ali Şerik
Interview Ali Şerik
In de serie ‘gesprekken met Meandermedewerkers’ het zevenenvijftigste gesprek, met Ali Şerik. ‘Ik zie mezelf niet als recensent, eerder als dichter.’ Hij probeert de taal van de poëzie te begrijpen. ‘Elk woord heeft zijn eigen geheim, verscholen tussen de letters als in een recept. Ik probeer die ‘recepten’ van woorden te ontrafelen. Woorden hebben bovendien een geheimzinnige interactie met elkaar.‘
Robbert-Jan Henkes - Nachttrottoir
Robbert-Jan Henkes - Nachttrottoir
‘Nachttrottoir’ van Robbert-Jan Henkes biedt volgens Anneruth Wibaut ‘virtuoos taalspel, humoristisch en respectvol toegepast. En door alle stijloefeningen is het ook een soort leerboek of naslagwerk voor dichters, je kunt er je kennis over alle poëtische stijlmiddelen, van vormvast en streng metrisch tot heel vrij, mee opfrissen.’ Henkes bewerkte het gedicht ‘Nacht. Trottoir. Drogist. Lantaren’ van Aleksandr Blok op zevenenzeventig verschillende manieren.
Aline Serverius
Aline Serverius
Een dichter met een strofe als ‘de nachten ademen behoedzaam/zandkastelen met vlaggetjes en al’ en een regel als ‘mijn benen nog geen grote klompen ijs’, neemt ons mee in de beelden die ze oproept, beelden waaruit we niet snel meer losraken, ‘tussen dichtbij en veraf ligt een land/ ondoorwaadbaar uitgestrekt’, of we aankomen is niet zeker, niet belangrijk ook.
Katelijne Brouwer -laat mijn egel met rust
Katelijne Brouwer -laat mijn egel met rust
Taco van Peijpe bespreekt ‘laat mijn egel met rust’ van Katelijne Brouwer: ‘Deze gedichten gaan over dieren, maar tegelijkertijd over menselijke gedragingen en gevoelens, die met milde ironie worden beschreven. De meeste gedichten in deze bundel brengen me in aangename poëtische of contemplatieve stemming, maar er zijn ook een paar bij die daarvoor te anekdotisch zijn en waarin alledaags menselijk handelen en beschouwen overheerst.’