LITERAIR E-MAGAZINE VOOR NEDERLANDSTALIGE POËZIE

Archief

David Huyghe - Olifantenvleugels
David Huyghe - Olifantenvleugels
‘Olifantenvleugels’ van David Huyghe is een omvangrijk debuut dat raadsels openlaat, volgens Tom Veys. ‘De dichter is een woordkunstenaar die met aantrekkelijke taal een poëtische wereld opent. De taal begeleidt je bij verschillende gedachtesprongen die klein, groot, ver of gevarieerd zijn.' Veys denkt dat deze poëzie zich ook goed leent voor op het podium.
Nieuwsbrief 10 / 8 maart
Nieuwsbrief 10 / 8 maart
Winchester is wel een bedevaart waard
Winchester is wel een bedevaart waard
Fascinatie is, denkt Rogier de Jong, de beste manier om de emotie die door hem heen gaat onder woorden te brengen. Zonder enige tamtam, bijna achteloos, torent daar op een plek die veel nietsvermoedende toeristen zullen voorbijlopen, een reusachtig kunstwerk omhoog. In zijn enscenering, zijn uitvoering en betekenis, theatraal en toch ingetogen, poëtisch en narratief – en bovendien troostrijk.
Masja Vrijland
Masja Vrijland
Wat vooral charmeert is dat deze dichter een geheel eigen stem heeft. Het is een verademing naar deze snelle poëzie te gaan van iemand die schijnbaar vreemde sprongen maakt (maar toch minder vreemd dan eerst gedacht) en sterk associeert. Regels als ‘logerend in schuren van mogelijkheden / tussen thuis en onderweg / deelde weilanden in tweeën / was resonant in diepst van gedachten’.
Jana Arns - Tussen messen slapen
Jana Arns - Tussen messen slapen
Ivan Sacharov komt in de bundel ‘Tussen messen slapen’ van Jana Arns, een boeiend taalspel tegen. Hij omschrijft haar stijl als horizontale poëzie: ‘Ze is niet in de eerste plaats peilend, verticaal de diepte in (om geconcentreerd een inzicht op te leveren), maar plaatst haar paradoxen in plastische zinnen, die uitwaaierend de lezer laten aarzelen tussen meerdere interpretaties, die allemaal ongeveer even concreet zijn.’
Interview Koenrad Moerman
Interview Koenrad Moerman
Koenrad Moerman is nogal rationalistisch ingesteld, zijn werk komt vaak in eerste instantie voort uit een reflectie over een onderwerp dat hem boeit. Het moeilijkste in het schrijfproces is toch het begin: de invalshoek, de toon, de juiste sfeer vinden. Het baat niet om er moeite voor te doen, er is ergens een inval nodig om alles op gang te krijgen.
Maya Wuytack – Iets wat raaskalt iets wat stil is iets wat breekt iets wat overblijft iets wat de nacht doorbrengt met mij
Maya Wuytack – Iets wat raaskalt iets wat stil is iets wat breekt iets wat overblijft iets wat de nacht doorbrengt met mij
Ali Şerik bespreekt ‘Iets wat raaskalt iets wat stil is iets wat breekt iets wat overblijft iets wat de nacht doorbrengt met mij’ van Maya Wuytack: ‘De bundel is doordrenkt van verlangen, de honger van huid en lippen, maar ook het gemis ervan. Er is angst om niet meer bemind te worden en tegelijk het onvermogen om zelf lief te hebben. Elke strofe staat op zichzelf als een klein gedicht.’
Johan Clarysse
Johan Clarysse
Johan Clarysse is een dichter naar ons hart. Beeldend, rijk, boeiend. Om steeds weer te herlezen, een groter compliment kan je een dichter niet geven. We kijken mee met het oog van de schilder ‘wiens oog de hele kamer vult’ en zien hele scènes opgeroepen door een enkel woord, ‘zwijgzame huizen’, ‘het niet begrijpende kind’ en een regel als ‘In hun voetafdruk hangt randschade.’.
Inger Christensen - alfabet
Inger Christensen - alfabet
Yvan De Maesschalck is onder de indruk van ‘alfabet’ van Inger Christensen. Zo is de inhoud op ingenieuze wijze geordend volgens de Fibonacci-reeks en daarnaast constateert hij: ‘’In Christensen wereldbeeld, zoals verbeeld in haar poëzie en geëxpliciteerd in haar essays, is geen spoor van hiërarchisch denken aanwezig. Elke vorm van ‘bestaan’ die in ‘alfabet’ wordt opgeroepen is even toevallig als voorbijgaand.’’
Nieuwsbrief 9 / 1 maart
Nieuwsbrief 9 / 1 maart
Een jas tegen tekortschieten
Een jas tegen tekortschieten
Er zijn dagen waarop je tekortschiet. Aardige mensen zien het anders. Je schiet niet tekort, je hebt het gevoel tekort te schieten, zeggen zij. Tegen een wakker geschoten knagend gevoel wendt men allicht relativering aan. Jan Loogman gebruikt Boutens, Leeflang en Andriessen en pakt zichzelf bij de kladden. Een ander hoeft niet onder jou te lijden!
Ronald Verhille
Ronald Verhille
Iemand die als het ware vrijwillig afstand heeft genomen van zijn moedertaal en dan toch nog zo schrijft, dat doet Ronald Verhille. Zijn gedichten ontstaan vaak in hotelkamers, luchthavenlounges of treincoupés, helaas niet vanuit een rustige zetel met zicht op de Middellandse Zee. Zelf noemt hij ze ‘microverhalen’. Als geheugensteun werkt dit voor hem beter dan foto's maken.
Anastasia Gavrilovici  - De kalmeringsindustrie voor volwassenen
Anastasia Gavrilovici - De kalmeringsindustrie voor volwassenen
‘De kalmeringsindustrie voor volwassenen’ is het debuut van de Roemeense Anastasia Gavrilovici (1995). Het zijn scènes uit het leven uit het leven van een jonge vrouw, onder andere over gefrustreerd verlangen, drank, geweld, seks en maatschappelijke wantoestanden. De onverwachte wendingen zijn bijzonder, evenals de verrassende beeldspraak, aldus Hans Puper.
Interview Irene Schoenmacker
Interview Irene Schoenmacker
‘Schrappen’ is de moeilijkste fase in het dichtproces van Irene Schoenmacker. Ze heeft veel ‘beginnetjes’ op haar laptop staan, een ‘rond’ gedicht schrijven is erg lastig. Een thema helpt haar altijd bij het schrijven, als richting. Ze ziet een ontwikkeling qua thema, die ongeveer gelijkloopt met de fases in haar leven. Tegelijkertijd zijn alle gedichten wel erg duidelijk in dezelfde stijl geschreven.
Maria Barnas - Tussen mij
Maria Barnas - Tussen mij
In de nieuwe bundel van Maria Barnas, ‘Tussen mij’, neemt de ik-persoon steeds in wankelmoedigheid op een andere manier tegenover zichzelf en de buitenwereld een andere positie in, stelt Johan Reijmerink. Het citaat dat aan de afdelingen voorafgaat zet de toon: ‘daarin schuilt een diep verlangen om op gezette tijden voor zichzelf en de ander te verdwijnen.’
Tom Driesen
Tom Driesen
Bijtend, humoristisch, origineel, in een eigen taal, vol lef en kracht, zoals hij het op het podium brengt, we horen hem. Schreeuwende regels als ‘Konden we maar even / boven onszelf en met die stem / de zwaartekracht uit onze voeten springen’ en ‘Ach konden we maar even / onze helden weer de hemel in vertellen.’
Xavier Roelens - Wildnissen
Xavier Roelens - Wildnissen
Francis Cromphout bespreekt ‘Wildnissen‘ van Xavier Roelens: ''De titel is een neologisme dat verwijst naar het verzet van verschillende levensvormen tegen het onheil dat zich aankondigt in onze tijd, in de eerste plaats rond klimaatrampen. Zijn bezorgdheid om het klimaat is nauw verbonden met zijn vaderschap van wat hij zijn 'zelfgemaakte' kinderen noemt.''
Hans Andreus honderd jaar
Hans Andreus honderd jaar
Het gedenken van een honderdste geboortedag is een mooi gebruik. Jan van der Vegt over Hans Andreus, de ware ‘dichter van het licht’. Andreus schreef een poëzie die ertoe doet, die niet vergeten mag raken. Het is een poëzie die van begin tot eind een levensverhaal niet vertelt, maar aanwezig laat zijn.
Nieuwsbrief 8 / 22 februari
Nieuwsbrief 8 / 22 februari
Klassieker 298 : Ellen Deckwitz – Onze moeder kan een voetstuk op (één teug)
Klassieker 298 : Ellen Deckwitz – Onze moeder kan een voetstuk op (één teug)
Fred Tak bespreekt het gedicht 'Onze moeder kan een voetstuk op (één teug)' uit de debuutbundel De steen vreest mij (2011) van Ellen Deckwitz (°1981). Rijk aan beelden en tegelijk schrijnend, is dit gedicht. De taal dartelt, maar onder het vrolijke schuim zit een bodem waar je even van moet slikken.
Wislawa Szymborska - Een titel hoeft niet
Wislawa Szymborska - Een titel hoeft niet
Peter Vermaat bespreekt ‘Een titel hoeft niet’ van Wisława Szymborska: ‘Szymborska lijkt de dichter van de omtrekken te zijn.’ Hij licht het toe: ‘zij beloopt de paden van het zichtbare, het voorbije en nog komende en laat daarbij het onzichtbare en onzegbare zo merkbaar onberoerd en onbetreden, dat het als een opzettelijk wit gehouden gedeelte van de kaart wel blijken moet.’
Interview Billie Vos
Interview Billie Vos
‘Soms vloeien woorden vanzelf, maar vaak is schrijven ook echt graven. Dieper gaan dan comfortabel is’, zegt Billie Vos. In het dagelijkse leven verpoëtiseert ze snel. Misschien was schrijven altijd al een noodzaak voor haar, ook al had ze dat vroeger nog niet door. Maar ècht over alles schrijven? Dat kan volgens haar niemand. ‘We zijn allemaal begrensd door taal, ervaring en perspectief.’
Ann Van Dessel - Traagkracht
Ann Van Dessel - Traagkracht
Taco van Peijpe bespreekt ‘Traagkracht’, de vierde bundel van Ann Van Dessel: ‘De poëzie in deze bundel is rijk aan sfeervolle beelden. De gebruikte metaforen zijn origineel en doeltreffend. Ook mild relativerende beschouwingen komen aan bod. Hier en daar wordt de vereenzelviging met de natuur toch wat te zwaar aangezet naar mijn smaak.’
In memoriam Cees Nooteboom (1933 - 2026) / Zo worden jaren tijd
In memoriam Cees Nooteboom (1933 - 2026) / Zo worden jaren tijd
Een prachtig in memoriam voor de eigenzinnige schrijver, dichter, zwerver, monnik en reiziger Cees Nooteboom door Johan Reijmerink.