Archief
Henk Ester - Wiskunde van lyriek
Wim Platvoet voelt zich door Henk Ester geen deelgenoot gemaakt van ‘Wiskunde van lyriek’. Hij vindt het een pretentieuze bundel: ‘Er gaat noch vanuit de woorden noch vanuit de vorm een wiskundige of lyrische dwang uit. De aanzet is overal voelbaar, de talige uitwerking is minder geslaagd. Losse woorden blijven hangen, hier en daar een regel, het gedicht als geheel dringt niet door en is vaak onbegrijpelijk.’
Manuel Bandeira (Brazilië)
Kort voor zijn overlijden in 2007 had schrijver/vertaler August Willemsen veelvuldig contact met onze redacteur Sander de Vaan over verschillende projecten. Eén daarvan betrof het werk van de Braziliaan Manuel Bandeira, van wie hij eerder al bv. het prachtige gedicht ‘In diepe slaap’ had vertaald. Als eerbetoon aan August én aan Bandeira publiceren we hier het betreffende emailbericht van deze meestervertaler, plus zijn inleiding en een aantal gedichten in de brontaal en in vertaling.
Atze van Wieren - Aan alles voorbij
Maurice Broere vindt de vierde bundel ‘Aan alles voorbij’ van Atze van Wieren, een mooie bundel om in te verdwalen op de lange, donkere avonden in deze tijd van het jaar. ‘Verwacht van Van Wieren geen riskante poëtische experimenten, hij levert degelijke poëzie af met mooie observaties, die hij koppelt aan inspirerende gedachten die de lezer aan het denken zetten.’
Wat Maakt Een Gedicht Goed? (21)
Een nieuwe serie die wekelijks een antwoord probeert te geven op de vraag Wat Maakt Een Gedicht Goed? Kun je zo’n vraag wel beantwoorden? De medewerkers van Meander zijn achtereenvolgens serieus, speels, poëtisch, humoristisch, streng, onderhoudend, kort, (iets) te lang, verlegen, duidelijk, zeker, geërgerd, motiverend, vluchtig of vragend. Het eenentwintigste antwoord komt van Sander de Vaan.
Jeroen Dera - Poëzie als alternatief
In ‘Poëzie als alternatief’ van Jeroen Dera toont de schrijver hoe divers de Nederlandstalige poëzie is in de moderne tijd. Herbert Mouwen vindt dat het boek de status heeft van actuele poëziegeschiedenis. ‘Dera sleurt je mee van de ene naar de andere dichter die buiten de behoudende poëzielijntjes kleurt en dat doet hij in een hoog tempo met een grote diepgang oftewel: je komt leesadem tekort.’
Nieuwsbrief 45 / 28 november
Giro giro tondo
Het is inmiddels wel duidelijk dat Evi Aarens, de dichter van ‘Disoriëntaties’, een fictief dichter is. Maar wie is haar schepper? Aanvankelijk dacht Hans Puper aan Erik Bindervoet en Robbert-Jan Henkes, maar Jeroen Dera, die in neerlandistiek.nl een briefwisseling voerde met Evi Aarens, zette hem op het spoor van Ilja Leonard Pfeijffer. Dera bleek gelijk te hebben. Een verslag van zijn bevindingen.
Rob de Vos-prijs 2021 - Juryrapport
De poëziewedstrijd van Meander voor de Rob de Vos-prijs 2021 liep van 1 april t/m 30 september. De winnaars zijn bekend en ook de gedichten met een eervolle vermelding hebben een publicatie gekregen. Vandaag sluiten we af met juryrapport en geven we een kijkje achter de schermen.
Jozef Deleu (samenstelling) - Het Liegend Konijn 2021 / 2
Het Liegend Konijn 2021/2 bevat bijdragen van een hele reeks bekenden. Jozef Deleu heeft daarnaast weer een flink aantal dichters opgenomen die nog geen bundel hebben gepubliceerd: elf dit keer. Vorm en inhoud zijn heel gevarieerd. Hans Puper illustreert dat met gedichten van Lucas Hirsch, Esther Jansma, Sabine Kars en Ann Bellemans.
"De poëzie lijkt er altijd al te zijn geweest"
In de serie ‘gesprekken met Meandermedewerkers’ het achtendertigste gesprek, met Paul Bezembinder. Over Meander als thuishaven maar Nederlands niet langer een cultuurtaal en laaggeletterdheid en ontlezing het cultuurbeleid, over bezuiniging en tekort, eenzaamheid en ontreddering, het eeuwigdurend tijdloos nu maar ook over de illusie die hij graag koestert: dat poëzie er altijd al geweest lijkt te zijn.
Annemarie Estor - Onster Target
Johan Reijmerink boog zich over ‘Onster Target’, de laatste bundel van Annemarie Estor: ‘Niet het Monster Target als geestverruimend drankje, maar het monsterachtig gedrocht dat we wereldeconomie noemen, en alles wat daaruit voortvloeit, bedreigt ons dag in dag uit. Estor spreekt zich bijkans pamflettistisch uit in deze korte krachtige verzen die weinig aan het misverstand overlaten.’
Wat Maakt Een Gedicht Goed? (20)
Een nieuwe serie die wekelijks een antwoord probeert te geven op de vraag Wat Maakt Een Gedicht Goed? Kun je zo’n vraag wel beantwoorden? De medewerkers van Meander zijn achtereenvolgens serieus, speels, poëtisch, humoristisch, streng, onderhoudend, kort, (iets) te lang, verlegen, duidelijk, zeker, geërgerd, motiverend, vluchtig of vragend. Het twintigste antwoord komt van Peter Vermaat.
Bart Plouvier - De zon regent koperen spijkers
In de bundel ‘De zon regent koperen spijkers’ van Bart Plouvier zijn vele mooie reflectieve gedichten te lezen over het banale en het verhevene, volgens Marc Eyck. ‘De dichter beschikt over een groot repertoire aan woorden waardoor hij treffend beelden en gevoelens weet neer te zetten.’ Wel vraagt hij zich af of er redactionele begeleiding is geweest aangezien de bundel taalslordigeheden bevat.
Nieuwsbrief 44 / 21 november
Crisantemi
Hans Franse ontroert in een column waarin hij zijn overleden naasten herdenkt. Crisantemi van Puccini, dichtregels van Boutens, mist over het landschap en kleuren van de herfst begeleiden schrijnend gemis. De dood als onverwachte bezoeker, als stille vennoot of zoals Marleen de Crée eindigde, onafwendbaar: Onze / stappen dralen op het vossenpad. / en toch, we naderen wat we nog / niet zien.
Klassieker 255: Hugo Claus - Caligula
Hettie Marzak bespreekt het gedicht 'Caligula' van Hugo Claus (1929-2008) uit de bundel met de betoverende titel 'Het huis dat tussen nacht en morgen staat' (1953). Claus kiest er - vreemd genoeg - voor om in dit gedicht een andere kant van Caligula te laten zien: niet de Romeinse keizer die een wreedheid begaat, maar juist een barmhartige daad verricht, ook al is die irrationeel.
Eric van Loo - Iets kleins volstaat
Hans Franse schreef een persoonlijke longread over de speciale bundel ‘Iets kleins volstaat’ van Eric van Loo. Deze bundel is samengesteld door de redactie van Meander na het overlijden van onze collega. Een eerbetoon aan hem en zijn poëzie. Hans Franse: ‘Ik beschouw de bundel als een prachtig kleurrijk herfstboeket, waarin elk blaadje van melancholie en eindigheid getuigend, een onherroepelijke schoonheid en een gevoel van tederheid en bewondering oproept.’
‘De liefde voor poëzie begint bij zingen’
Voor Stevine Groenen gaan poëzie en andere vormen van kunst hand in hand. De gelaagdheid van een schilderij, beeldhouwwerk of muziekstuk kan haar erg beroeren. Ze is veel bezig met hoe we deze wereld achterlaten. ‘Poëzie kan leiden tot het begrijpen van wat er gebeurt, mensen op een andere manier laten kijken naar natuur, waarin wij ons zo nadrukkelijk manifesteren en gedragen als een kudde olifanten in de porseleinkast’.
Daan Cartens - Mijn vriend herinnering
De vijfde bundel van Daan Cartens, ‘Mijn vriend herinnering’, geeft meer prijs naarmate je hem vaker leest, vindt Hans Puper. Dood, verleden en het nu zijn in iedere afdeling nauw met elkaar verbonden. Door herhaling van woorden en begrippen zet hij op een onopvallende manier een interne symboliek op en de vormgeving van de gedichten is schijnbaar eenvoudig, maar vaak tot in details verrassend.
Wat Maakt Een Gedicht Goed? (19)
Een nieuwe serie die wekelijks een antwoord probeert te geven op de vraag Wat Maakt Een Gedicht Goed? Kun je zo’n vraag wel beantwoorden? De medewerkers van Meander zijn achtereenvolgens serieus, speels, poëtisch, humoristisch, streng, onderhoudend, kort, (iets) te lang, verlegen, duidelijk, zeker, geërgerd, motiverend, vluchtig of vragend. Het negentiende antwoord komt van Janine Jongsma.
Marie Brummelhuis - Nee, niet weer over vlinders
In de verrassende debuutbundel van Marie Brummelhuis, ‘Nee, niet weer over vlinders’, vindt recensent Hettie Marzak een dichteres die zich niet opnieuw probeert te verliezen in herinneringen en rouwbeklag, maar die juist gedichten schrijft als vlinders ‘licht, kleurig en dansend van onderwerp naar onderwerp’. Brummelhuis schrijft directe, persoonlijke gedichten in toegankelijke taal en: ‘haar originele invallen en verwoordingen daarvan zijn verfrissend en zetten alledaagse dingen in een ander licht, alsof je een caleidoscoop een kwartslag draait.’
Nieuwsbrief 43 / 14 november
Plagiaat
Columnist Karel Wasch over plagiaat. “Ieder bedrog heeft nieuwe ontwikkelingen in zijn kielzog!” zo stelt hij maar “de vraag blijft: waarom overschrijven? Beter goed gejat, dan slecht zelf verzonnen? Wie het weet mag het zeggen!” Terwijl Dylan Thomas ‘Fucked out Yeats’ riep toen hij een gedeeltelijk overgeschreven gedicht onder ogen kreeg gekopieerd van een vers van W.B.Yeats, horen we Wasch roepen ‘De smeerlap’!
Literaire herinneringen aan Groningen (1)
Voor wie het nog niet wist: de stad Groningen heeft een rijk literair verleden. Vasalis, Belcampo, Waskowski, De Vries…Hermans, Kopland, Van Wissen, Rawie… al deze namen en nog veel meer zijn verbonden met de Martinistad waarin dichter, columnist Rogier de Jong geboren en opgegroeid is. Het eerste deel van een drieluik over zijn literaire herinneringen aan de stad Groningen.
